Naar hoofdinhoud

Artikel 7:

Aanvraag

Onderdeel van Bomenverordening Gemeente Tilburg 2024

1.. De omgevingsvergunning moet schriftelijk of elektronisch, gemotiveerd worden aangevraagd, door of namens dan wel met toestemming van degene, die op grond van zakelijk recht of door degene die op grond van publiekrechtelijke bevoegdheid gerechtigd is over de houtopstand te beschikken. 2.. Bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor velling van lintbegroeiing, bosplantsoen, windschermen, houtwal/houtsingel wordt in de aanvraag een inschatting gemaakt van alle aanwezige vergunnings-plichtige houtopstanden per (deel)gebied en het percentage hiervan waarvoor een omgevingsvergunning voor vellen wordt aangevraagd. Tevens moet het eindbeeld met daarin de te behouden houtopstanden worden toegevoegd. 3.. Bij de aanvraag moet een tekening op bruikbare schaal van zowel de huidige als de nieuwe situatie worden toegevoegd, waar mogelijk aangevuld met foto’s. 4.. De aanvraag vermeldt de tot behoud van de houtopstand onderzochte alternatieven. 5.. Bij de aanvraag moet de richtlijn omgevingsdialoog worden toegepast. 6.. Het bevoegd gezag kan bepalen dat bij de aanvraag wordt overlegd: een overzicht van de overige vergunningen, ontheffingen of toestemmingen die nodig zijn voor de realisatie van een project; een dunnings- of reconstructieplan; een bomeneffect-analyse en/of taxatierapport met monetaire boomwaarde; een plan voor herplant van houtopstanden. 7. . De omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand als bedoeld in artikel 5 kan slechts in behandeling worden genomen nadat: een gesprek tussen de aanvrager en de bewoners woonachtig in de nabije omgeving van de betreffende houtopstand heeft plaatsgevonden en een gewaarmerkt verslag van dit gesprek bij de aanvraag is gevoegd. uit het verslag blijkt dat de belangen van verlening van de ontheffing zijn gewogen tegen de belangen van behoud van de houtopstand, waarbij is ingegaan op de volgende waarden: de natuur- en milieuwaarde; de klimaatadaptieve waarde; de landschappelijke waarde; de waarde voor straat- of stadsbeeld; de cultuurhistorische waarde; de waarde voor recreatie en beleving van de nabije omgeving. uit het verslag blijkt tevens dat de aanvrager voldoende pogingen heeft gedaan om tot overeenstemming te komen met de omgeving over deze belangenweging dan wel dat uit het verslag blijkt dat aanvrager en omgeving overeenstemming hebben over de aanvraag. 8.. Een gesprek en verslag als bedoeld in lid 7 van dit artikel hoeft niet te worden overlegd bij een aanvraag van een omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand indien: de aanvrager bewoner-eigenaar is van het perceel waar de houtopstand zich op bevindt en de aanvraag slechts één boom betreft; de aanvrager de gemeente Tilburg is en het vellen van houtopstanden op basis van een BoomVeiligheidsControle betreft (BVC); het nood- of spoedkap betreft; De aanleiding concurrentiegroei is; de houtopstand ziek is en de verwachte levensduur < 5 jaar is; een verzoek voortkomt uit het wegnemen van de oorzaak van schade die redelijkerwijs niet anders weggenomen kan worden dan voor vellen; een verzoek voortkomt uit het wegnemen van een onveilige situatie die redelijkerwijs niet anders weggenomen kan worden dan door vellen; een verzoek voorkomt uit het wegnemen van onrechtmatige hinder, die redelijkerwijs niet anders weggenomen kan worden dan door vellen. 9.. Indien er een omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand wordt aangevraagd, dient dit door de aanvrager kenbaar te worden maken aan bewoners woonachtig in de nabije omgeving van de betreffende houtopstand. 10.. Indien een gesprek en verslag niet hoeft te worden overlegd bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het vellen van een houtopstand (lid 8 van dit artikel), is het kenbaar maken van de aanvraag van de kapvergunning aan bewoners woonachtig in de nabije omgeving van de betreffende houtopstand wel een vereiste. 11.. Een aanvraag voor ontheffing op het velverbod als bedoeld in artikel 5 is niet ontvankelijk als blijkt dat het belang van de ontheffing voorkomt uit vereisten van een eerder verlengde omgevingsvergunning; ook niet als uit het verslag zoals bedoeld in lid 7 van dit artikel blijkt dat er moet de omgeving overeenstemming is. 12.. Indien een verzoek tot ontheffing voor het vellen voortkomt uit een vordering tot verwijdering van de houtopstand in het kader van artikel 5:42 Burgerlijk wetboek dan hoeft de aanvrager niet te voldoen aan de vereisten in lid 7 van dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel