Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 2.5

Plan en besluit voorziening

Onderdeel van Beleidsregels – Jeugdhulp gemeente Vijfheerenlanden

Beleidsregel (13) Het niet retour ontvangen van een ondertekend plan Het college legt het Plan zoals bedoeld in artikel 2.4 van de verordening ter ondertekening voor akkoord of gezien voor aan de inwoner. Als de jeugdige en/of ouder het plan voor ‘akkoord’ tekent wordt dit door het college gezien als een instemming met de uitkomst van het onderzoek. Wordt het plan door de jeugdige en/of ouder ‘voor gezien’ getekend, dan ziet het college dit als dat niet wordt ingestemd met de uitkomst van het onderzoek. Bij indiening via de digitale weg volstaat een reactie op het plan en/of een elektronische handtekening, als handtekening. Als de door een jeugdige of ouder(s) eerder ingediende aanvraag niet voldoet aan de voorwaarden die in artikel 4.1 en 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht worden gesteld aan een aanvraag, ziet het college de ondertekening van het plan als een schriftelijke bevestiging van de eerder ingediende aanvraag. Als sprake is van de hierboven genoemde situatie en het college ontvangt het plan niet retour, dan stuurt het college eenmalig een herinnering naar de jeugdige of ouder(s) met het verzoek om binnen een termijn van 14 dagen alsnog het ondertekende plan retour te sturen. Als het college na het verstrijken van deze termijn het ondertekend plan niet retour heeft ontvangen, neemt het college een besluit op de aanvraag voor jeugdhulp en informeert de inwoner over het besluit. In de meeste gevallen zal dit een negatief besluit zijn, omdat jeugdhulp op grond van de Jeugdwet in het vrijwillig kader wordt ingezet en er daarom voor de inzet van de jeugdhulp toestemming van de inwoner nodig is. Er kan alleen een positief besluit worden genomen als aannemelijk kan worden gemaakt dat de inwoner de ondersteuning wel wil ontvangen en dat dit uit zijn handelen en doen ook blijkt. Beleidsregel (14) één gezin, één plan, één regisseur In het kader van het werken op basis van het principe “één gezin, één plan, één regisseur” wordt de ondersteuning die door verschillende zorgaanbieders en/of hulpverleners gegeven wordt aan een inwoner, op elkaar afgestemd. Dit legt het college in samenspraak met de jeugdige en/of ouders vast in het Plan, naast de onderwerpen zoals opgenomen in artikel 2.5 lid 8 van de Verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel