Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.4

Algemene weigeringsgronden voorziening

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp en Maatschappelijke ondersteuning gemeente Vijfheerenlanden

1.. Het college kent geen voorziening toe als er sprake is van: realisering van de voorziening vóór de aanvraag voor Jeugdhulp of de melding Wmo of tijdens het onderzoek als er vooraf geen toestemming is gevraagd; een voorziening die niet veilig is of kan zijn voor de inwoner of de omgeving; een voorziening die een anti-revaliderend effect zou hebben; een eerdere toegekende (algemene) voorziening die een oplossing kan bieden voor de ondersteuningsvraag; een voorziening die algemeen gebruikelijk is of als de kosten ervan te zien zijn als normale maatschappelijke kosten; als de inwoner de gevolgen van de beperkingen kan verminderen door het leven anders te organiseren, zonder hierdoor groot nadeel van te ondervinden; als de inwoner een individuele voorziening wenst en er een collectief voorliggende voorziening aanwezig is; als de voorziening primair een therapeutisch doel heeft en/of primair bedoeld is voor behandeling, die vallen onder een andere voorliggende wettelijke regeling, en wordt aangevraagd in het kader van de Wmo; als een inwoner de ondersteuningsvraag redelijkerwijs van tevoren had kunnen voorzien en had kunnen voorkomen; als de inwoner, en indien van toepassing een huisgenoot, onvoldoende meewerkt aan het onderzoek dan wel onvoldoende informatie geeft, zodat het college de noodzaak van de voorziening niet kan vaststellen. 2.. Het college kan nadere regels stellen over het bepaalde in dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel