1.. De burgemeester weigert de vergunning als de leidinggevende van een horecabedrijf niet voldoet aan de in artikel 3.10 gestelde eisen.

2.. De burgemeester kan de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren als naar zijn oordeel de openbare orde of veiligheid of het woon- en leefklimaat, gelet op de spanning waaraan het woon- en leefklimaat ter plaatse reeds bloot staat, op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van het horecabedrijf.

3.. Bij de toepassing van de in het vorige lid genoemde weigeringsgrond houdt de burgemeester rekening met:

  • - het karakter van de straat en de wijk waarin het horecabedrijf is gelegen of zal zijn gelegen;
  • - de aard van het horecabedrijf;
  • - de wijze van bedrijfsvoering door de exploitant of de leidinggevende en
  • - het levensgedrag van de exploitant of leidinggevende.

4.. De burgemeester kan de vergunning gedeeltelijk weigeren voor zover de aanvraag ziet op exploitatie van een terras op of aan de weg

  • - met oog op de belangen genoemd in lid 3;
  • - als het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg, dan wel gevaar oplevert voor de veiligheid en doelmatigheid van het gebruik, onderhoud of andere publieke functies van de weg.