Beleidsuitgangspunt: We houden voldoende afstand aan tussen activiteiten met gevaarlijke stoffen en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen (wonen, werken en recreëren), en nemen toereikende veiligheidsmaatregelen indien dit niet mogelijk is.
De meeste veiligheidswinst wordt behaald door het scheiden van activiteiten met gevaarlijke stoffen en ruimtelijke ontwikkelingen als wonen, werken en recreëren. Daarom zetten we in eerste instantie in op het uitsluiten van (zeer/beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties binnen de plaatsgebonden risicocontour en bepaalde aandachtsgebieden. We hanteren hiervoor de uitgangspunten die genoemd zijn in tabel 2-4 tot en met 2-6. De motivatie voor de manier waarop tabel 2-4 tot en met 2-6 is ingevuld is als volgt:
Plaatsgebonden risicocontour 10-6
Het uitsluiten van (zeer/beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties binnen de plaatsgebonden risicocontour 10-6 is verplicht vanuit de Rijksregels. Dit nemen we over in ons beleid. Voor beperkt kwetsbare gebouwen en locaties binnen de plaatsgebonden risicocontour 10-6 heeft de gemeente beleidsvrijheid. Deze beleidsvrijheid had de gemeente onder het oude omgevingsrecht ook. Tijdens de werksessies is de wens geuit om daarin beleidsneutraal over te gaan. Met een GIS-analyse is in beeld gebracht in hoeverre beperkt kwetsbare functies momenteel in deze contour liggen en dus in het verleden zijn toegestaan. Uit deze analyse blijkt dat een noemenswaardige hoeveelheid van deze functies in de desbetreffende contour ligt. Binnen deze contour is de kans echter groot, op een dergelijke kleine afstand van de bron, dat personen komen te overlijden bij een ongeval met gevaarlijke stoffen. Daarom kiezen we ervoor om beperkt kwetsbare gebouwen en locaties in de eerste instantie niet toe te staan binnen de plaatsgebonden risicocontour 10-6. Hiervan kan in individuele gevallen gemotiveerd afgeweken worden, indien wordt voldaan aan de genoemde voorwaarden in paragraaf 2.5.2.
Zeer kwetsbare gebouwen
De categorie zeer kwetsbare gebouwen is een nieuwe categorie, waarvan de wetgever heeft aangegeven dat deze extra bescherming behoeven. Het uitgangspunt is dat we deze niet toestaan binnen alle aandachtsgebieden (al dan niet met afwijkingsmogelijkheid). Daar waar afwijkingsmogelijkheden worden geboden, gelden er strenge toelatingsprincipes. Voor de overige gebouwen en locaties hanteren we vaak minder strenge uitgangspunten.
Brandaandachtsgebied algemeen
Binnen het brandaandachtsgebied sluiten we, naast de zeer kwetsbare gebouwen, in principe alle kwetsbare gebouwen en locaties uit (al dan niet met afwijkingsmogelijkheid). Daarmee voorkomen we dat personen aanwezig in deze gebouwen of op deze locaties worden blootgesteld aan de dodelijke effecten van brand (als gevolg van de betreffende risicobron) in deze gebieden. Het brandaandachtsgebied reikt over het algemeen tot enkele tientallen meters van de risicobron. Het ruimtebeslag van deze zone is daarmee relatief beperkt. Dit rechtvaardigt een strikt zoneringsbeleid, waarbinnen kwetsbare gebouwen en locaties worden uitgesloten. Het realiseren van beperkt kwetsbare gebouwen en locaties binnen het brandaandachtsgebied vinden we toelaatbaar onder bepaalde voorwaarden (zie paragraaf 2.5.2). Op deze locaties is het aantal aanwezige personen beperkt, of is de tijd dat zij aanwezig zijn beperkt, waardoor de kans dat er een groot aantal slachtoffers valt bij een ongeval met de risicobron ook beperkt is.
Brandaandachtsgebied van buisleidingen
Binnen het brandaandachtsgebied van buisleidingen hanteren we een genuanceerder beleid. De omvang van dit brandaandachtsgebied is afhankelijk van de druk en de diameter van de buisleiding en kan honderden meters groot zijn. De kans op een ongeval bij een buisleiding is echter vele malen kleiner dan bij stationaire activiteiten en op basisnetroutes, aangezien de buisleiding beschermd ligt in de ondergrond. Het uitsluiten van alle kwetsbare gebouwen en locaties binnen deze brandaandachtsgebieden zal een grote impact hebben op de beschikbare ontwikkelruimte, terwijl deze ruimte wel nodig is voor onder andere de woningbouwopgave. Voor buisleidingen maken we daarom een onderscheid in het gebied waar de effecten zodanig zijn dat 100% van de aanwezigen komt te overlijden, en het gebied waar dit percentage tussen de 1 en 99% ligt.
In het gebied waar 100% van de aanwezigen komt te overlijden is de warmtestraling zo hevig, dat het haast niet mogelijk is afdoende beschermende maatregelen te treffen. In dat gebied sluiten we daarom, naast de zeer kwetsbare gebouwen, ook de kwetsbare gebouwen en locaties uit (al dan niet met afwijkingsmogelijkheid). Beperkt kwetsbare gebouwen en locaties laten we onder voorwaarden wel toe, omdat een beperkt aantal personen aanwezig is en dit vaak van korte duur is.
In het gebied waar de letaliteit tussen de 1% en 99% ligt zijn wel maatregelen te treffen die voldoende bescherming bieden. In dit gebied laten we (beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties toe onder de in paragraaf 2.5.2 geformuleerde voorwaarden.
Explosieaandachtsgebied
Binnen het explosieaandachtsgebied is het afhankelijk van de afstand tot de bron of er maatregelen getroffen kunnen worden, die effectieve bescherming kunnen bieden. Hoe groter de afstand tot de bron, hoe meer mogelijkheden er zijn om beschermende maatregelen te treffen en hoe kosten-effectiever die maatregelen zullen zijn. Explosieaandachtsgebieden reiken over het algemeen tot afstanden in de ordegrootte van honderden meters. Vanwege het grote ruimtebeslag en de mogelijkheid tot het treffen van beschermende maatregelen staan we binnen de explosieaandachtsgebieden beperkt kwetsbare gebouwen en locaties toe, onder de voorwaarde dat er voldoende beschermende maatregelen kunnen worden getroffen. De (zeer) kwetsbare gebouwen en locaties (waar verminderd zelfredzame personen verblijven of grote groepen personen voor langere tijd verblijven) zijn niet toegestaan (al dan niet met afwijkingsmogelijkheid) binnen de explosieaandachtsgebieden.
Gifwolkaandachtsgebied
Binnen het gifwolkaandachtsgebied zijn aanwezigen in nieuwe gebouwen in principe voldoende beschermd. Nieuwe gebouwen moeten vanuit het Besluit bouwwerken leefomgeving namelijk voldoende geïsoleerd en ‘lekdicht’ zijn. Ook moet de mechanische ventilatievoorziening bij een externe calamiteit handmatig kunnen worden uitgeschakeld. Het handelingsperspectief dat vanuit de overheid gecommuniceerd wordt bij incidenten waarbij giftige stoffen vrijkomen is om de centrale ventilatie af te schakelen en ramen en deuren te sluiten. Aanwezigen die deze instructie op kunnen volgen zijn daarmee voldoende beschermd. De zeer kwetsbare gebouwen worden (zoals eerder al is aangegeven) niet toegestaan binnen een gifwolkaandachtsgebied (tenzij), omdat niet zeker is of zij in staat zijn het gegeven handelingsperspectief tijdig uit kunnen voeren. De (beperkt) kwetsbare locaties worden alleen toegestaan onder voorwaarden. Het is namelijk niet zeker of mensen op buitenlocaties voldoende mogelijkheden hebben om veilig te schuilen bij een incident met giftige stoffen.
Tabel 2-4 Ruimtegebruik nabij transportroutes (weg, water en spoor)
Transportroutes (weg, water en spoor)
Zeer kwetsbare gebouwen
Kwetsbare gebouwen en locaties
Beperkt kwetsbare gebouwen en locaties
Plaatsgebonden risicocontour 10-6
Niet toegestaan
Niet toegestaan
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Brand-aandachtsgebied
Niet toegestaan
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Explosie-aandachtsgebied
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Gifwolk-aandachtsgebied
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Gebouwen: Toegestaan
Locaties: Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Tabel 2-5 Ruimtegebruik nabij buisleidingen
Buisleidingen
Zeer kwetsbare gebouwen
Kwetsbare gebouwen en locaties
Beperkt kwetsbare gebouwen en locaties
Plaatsgebonden risicocontour 10-6
Niet toegestaan
Niet toegestaan
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Brand-aandachtsgebied 100% letaliteit
Niet toegestaan
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Brand-aandachtsgebied 99%-1% letaliteit
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Tabel 2-6 Ruimtegebruik nabij stationaire activiteiten
Stationaire activiteiten
Zeer kwetsbare gebouwen
Kwetsbare gebouwen en locaties
Beperkt kwetsbare gebouwen en locaties
Plaatsgebonden risicocontour 10-6
Niet toegestaan
Niet toegestaan
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Brand-aandachtsgebied
Niet toegestaan
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Explosie-aandachtsgebied
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Gifwolk-aandachtsgebied
Niet toegestaan, tenzij (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Gebouwen: Toegestaan
Locaties: Toegestaan, mits (pas paragraaf 2.5.2 toe)
Tabel 2-7 Ruimtegebruik op bedrijventerreinen
Bedrijventerreinen
Zeer kwetsbare gebouwen
Kwetsbare gebouwen en locaties
Beperkt kwetsbare gebouwen en locaties
Bedrijventerreinen zonder risicovolle activiteiten
Toegestaan (want geen risico’s)
Toegestaan
Toegestaan
Bedrijventerreinen met lichte en/of zware risicovolle activiteiten
Niet toegestaan
Niet toegestaan, tenzij dat noodzakelijk is voor het uitvoeren van de risicovolle activiteit
Niet toegestaan, tenzij dat noodzakelijk is voor het uitvoeren van de risicovolle activiteit
Beleidsneutraal
Het uitsluiten van (zeer) kwetsbare functies binnen de plaatsgebonden risicocontour 10-6 is verplicht vanuit de Rijksregels. Het uitsluiten van beperkt kwetsbare functies is een afweging die de gemeente mag maken. Deze beleidsvrijheid had de gemeente onder het oude omgevingsrecht ook en de wens is om daarin beleidsneutraal over te gaan. Met een GIS-analyse is in beeld gebracht in hoeverre beperkt kwetsbare functies momenteel in deze contour liggen en dus in het verleden zijn toegestaan. Uit deze analyse blijkt dat een noemenswaardige hoeveelheid van deze functies in de desbetreffende contour ligt.
Onder het oude omgevingsrecht werden (zeer/beperkt) kwetsbare objecten niet per definitie uitgesloten binnen de destijds geldende invloedsgebieden. Per ruimtelijke ontwikkeling is het aan de adviseur externe veiligheid (in dit geval van de ODRU) om een afweging te maken en te bepalen of het veiligheidsniveau aanvaardbaar is. Dit komt in de vorm van een advies bij het bevoegd gezag (gemeente) terecht die uiteindelijk het besluit neemt over de vergunningverlening. Het afwegingskader dat de adviseurs van de ODRU de afgelopen jaren hebben toegepast is vertaald naar een toepassing binnen de zogenaamde aandachtsgebieden onder de Omgevingswet en vastgelegd in paragraaf 2.5.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.5
Artikel 2.5.1
Kwetsbare functies nabij risicovolle activiteiten
Onderdeel van Gezamenlijke Beleidsnotitie Externe Veiligheid ODRU-gemeenten Omgevingsdienst Regio Utrecht