Dit document, de TVW 2024, is een opmaat voor het Warmteprogramma. In de WGIW is opgenomen dat het Warmteprogramma voor 31 december 2026 vastgesteld moet worden. Net als de TVW moet Warmteprogramma vanuit de wetgeving iedere vijf jaar geactualiseerd worden. Deze wetgeving is op 23 april 2024 vastgesteld in de Tweede Kamer. De WGIW is pas definitief als de Eerste Kamer ook instemt en de wet in de Staatscourant wordt gepubliceerd.

Het verschil tussen een Warmteprogramma en een TVW is dat het Warmteprogramma concreter is en projecten beschrijft om de warmtetransitie te realiseren. Voor elk gebied (wijk-, buurt- of clusterniveau) wordt de (voorkeurs)warmtetechniek en de planning bepaald. Nog niet alle randvoorwaarden rondom het Warmteprogramma zijn duidelijk, wel weten we dat keuzes in de wijk gemaakt moeten worden op basis van de laagste eindgebruikerskosten en de laagste totale kosten voor de maatschappij. Dit hebben wij in deze TVW 2024 daarom ook meegenomen.

Met ingang van de WGIW heeft onze gemeente ook aanwijsbevoegdheid gekregen over de wijkgerichte aanpak. Dit betekent dat we als gemeente een bepaalde energietechniek kunnen aanwijzen voor een wijk. Daarvoor moet dit eerst worden vastgelegd in het omgevingsplan van onze gemeente. Dat geeft inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen, verhuurders en netbeheerders een duidelijk tijdspad wanneer de transitie van aardgas naar een duurzaam alternatieve energievoorziening gaat plaatsvinden. Het Warmteprogramma is onderdeel van de Omgevingswet. Daarmee moet het meer dan een visie zijn en bereikbare doelen bevatten waar de gemeente zich aan moet houden.

Ook wordt steeds duidelijker dat de warmtetransitie onderdeel is van de bredere energietransitie. Het Warmteprogramma is van grote invloed op de benodigde netverzwaring in de wijken en isolatieaanpakken dienen rekening te houden met de ecologische gevolgen en de eisen van de provincie rondom het (Pre-)soorten- managementplan.

Het Warmteprogramma is in de meeste gevallen plan-MER-plichtig. Dit is bijvoorbeeld het geval bij toepassing van warmtenetten voor de aanleg van infrastructuur voor stoom of warm water. Omdat in Barendrecht de all-electric warmteoplossing van toepassing wordt zal de plan-MER naar verwachting beperkt blijven of zelfs niet benodigd zijn. De precieze verplichtingen omtrent plan-MER voor all-electric zijn nog niet duidelijk, wij houden dit in de gaten.