**1..** Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nederweert mandateert, aan het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Weert, de bevoegdheden uit de Wgs, het Bbm, de fw en het Bgs zoals (niet limitatief opgesomd):
om te beslissen op een verzoek van een inwoner van de gemeente Nederweert tot toelating tot de schuldhulpverlening en tot het doen van een aanbod tot een eerste gesprek indien er een signaal door het college is ontvangen over betalingsachterstanden (artikel 3 Wgs);
om te beslissen op een verzoek van een inwoner van een gemeente Nederweert tot het aanvragen van een afkoelingsperiode (artikel 5 Wgs);
om namens het college een verzoekschrift tot toepassing van een afkoelingsperiode te richten aan de daartoe bevoegde rechtbank (artikel 5 lid 1 Wgs) en het college te vertegenwoordigen bij de zitting waarop de rechtbank zal beslissen op het verzoek;
om namens het college een verzoekschrift tot tussentijdse beëindiging van de afkoelingsperiode te richten aan de daartoe bevoegde rechtbank. (artikel 6 Bbm) en het college te vertegenwoordigen bij de zitting waarin op het verzoek wordt beslist;
om gegevens uit te wisselen die noodzakelijk zijn voor schuldhulpverlening en om derden te informeren op het moment dat een inwoner van gemeente Nederweert een beschikking heeft ontvangen met toegang tot schuldhulpverlening (artikel 8 Wgs jo. artikel 17 Bgs)
om door middel van het aanbod van eén of meer dienstén invulling te geven aan een verzoek om schuldhulpverlening van de betreffende inwoner;
om aan de betreffende inwoner verplichtingen die samenhangen met de goede uitvoering van de aangeboden schuldhulpverlening op te leggen;
om een verzoek van een inwoner voor een specifieke dienst te weigeren;
om de schuldhulpverlening aan de inwoner te beëindigen indien deze niet voldoet aan de opgelegde voorwaarden en/of de verplichtingen die voortvloeien uit de gemeentelijke beleidsregels;
om alle handelingen te verrichten die noodzakelijk zijn voor een juiste uitvoering van de schuldhulpverlening van de betrokken inwoner;
het afgeven van een verklaring ex Art. 285f Fw, ten behoeve van de aanvraag voor de Wet schuldsanering Natuurlijke Personen;
het treffen van een buitengerechtelijke schuldregeling zoals vermeld in artikel 288 lid 2 onder b. Fw.
**2..** Onder het in het eerste lid bedoeld mandaat wordt mede verstaan; het verlenen van volmacht en machtiging.
**3..** Het mandaat, alsmede de volmacht en machtiging, eindigt op het moment dat de overeenkomst met gemeente Weert ter zake van de uitvoering van de schuldhulpverlening eindigt.
**4..** Bij de uitoefening van de in het eerste lid genoemde bevoegdheden handelt de gemandateerde in overeenstemming met de op dat moment van toepassing zijnde beleidsregels, wetgeving en de van toepassing zijnde overeenkomst.
**5..** Het mandaat tot uitoefening van een bevoegdheid heeft mede betrekking op alle handelingen die binnen het kader van de uitoefening van de bevoegdheid moeten worden verricht, zoals het treffen van alle voorbereidingen, het voeren van correspondentie, het verzoeken om (aanvullende) informatie, het vragen om of geven van advies, het verdagen van beslissingen, het verstrekken van inlichtingen en het voldoen aan publicatieverplichtingen en alle andere handelingen die worden verricht in de aanloop tot de totstandkoming van het besluit, de privaatrechtelijke rechtshandeling of de feitelijke handeling en de afhandeling daarvan.