De zorg en opvang voor slachtoffers is een belangrijk component in een sluitende aanpak mensenhandel. Voor slachtoffers van mensenhandel is het vaak erg moeilijk om hulp te vragen uit angst voor de daders, waarvan zij afhankelijk zijn. Wanneer er niets te bieden is aan de slachtoffers in de vorm van veilige opvang, ondersteuning en hulpverlening zullen zij zichzelf niet melden. Ook voor professionals die signalen van mensenhandel of uitbuiting willen doorgeven, is het belangrijk dat zij weten dat er adequaat op gereageerd wordt. Op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Jeugdwet zijn gemeenten verantwoordelijk voor passende opvang, ondersteuning en nazorg voor slachtoffers van mensenhandel. In het VNG Kader wordt slechts één plateau op dit deelonderwerp beschreven, met daarin de volgende punten:
De gemeente neemt haar organisatorische en financiële verantwoordelijkheid voor de zorg en opvang van slachtoffers van mensenhandel serieus, ook waar de opvang regionaal of landelijk is georganiseerd.
De gemeente heeft zorgcoördinatie voor slachtoffers geregeld met aandacht voor casemanagement en werkt aan het opbouwen en onderhouden van een regionaal en landelijk netwerk en het geven van voorlichting en preventie.
De ingekochte opvang en hulpverlening voldoet aan kwaliteitscriteria.
Afspraken zorgcoördinatie
Naast opvang van een slachtoffer kan er sprake zijn van een verblijfsrechtelijk traject, een strafrechtelijk traject en een zorgtraject. Een zorgcoördinator coördineert dit en probeert te zorgen dat de verschillende trajecten elkaar niet bijten.27Op de website www.wegwijzermensenhandel.nl is uitgebreide informatie te vinden over welke aspecten er allemaal bij de zorg en opvang voor (verschillende soorten) slachtoffers van mensenhandel komen kijken. Sinds 2018 is voor de regio West Veluwe Vallei de zorgcoördinatie voor slachtoffers van mensenhandel geborgd. Ter ondersteuning van gemeenten wordt de zorgcoördinatie voor de hele regio ingekocht bij Moviera (welke ook betrokken is bij de aanpak van huiselijk geweld). Deze dienst is onderdeel van de subsidie die gemeente Ede als centrumgemeente aan Moviera verstrekt. Er is meerdere keren per jaar overleg met Moviera over alle inzet vanuit de subsidie, waaronder de zorgcoördinatie voor slachtoffers van mensenhandel.
Moviera heeft in de regio de expertise op de zorg voor slachtoffers van mensenhandel. Moviera behartigt de belangen van slachtoffers en coördineert de zorg vanuit het slachtoffer. Dit is maatwerk en afhankelijk van verschillende factoren. Door middel van landelijke samenwerking met de verschillende partners zijn de zorgcoördinatoren goed geïnformeerd over de ontwikkelingen en hebben zij kennis van alle vormen van uitbuiting, de signalen en de uitingsvormen. Een standaard werkwijze is dat de politie of de NLA vaststelt of iemand vermoedelijk slachtoffer is van mensenhandel op basis van de geringste aanwijzing en doorverwijst naar de zorgcoördinatoren. De zorgcoördinator gaat in gesprek met het vermoedelijke slachtoffer over de uitbuiting, veiligheid en de hulpvragen van het slachtoffer. Moviera informeert slachtoffers over hun rechten, schakelt juridische hulp in (slachtoffer advocaat) en zet zorg in waar dat nodig is. In de praktijk werkt Moviera samen met veel verschillende ketenpartners in de zorg in de regio. Landelijk wordt er samengewerkt met Comensha en de zorgcoördinatoren in andere regio’s in het land.
Naast de politie/ NLA kan elke organisatie (onderwijs/zorg/gemeente) een vermoeden van uitbuiting bij een zorgcoördinator melden. Ook wanneer er alleen nog sprake is van (kleine) signalen kan Moviera adviseren en ondersteunen bij het verhelderen/duiden van deze signalen. Afhankelijk van de situatie gaat een zorgcoördinator alleen of samen met de hulpverlener/school in gesprek met degene waar zorgen over zijn. Soms vindt er in eerste instantie alleen monitoring plaats op afstand. Wanneer er sprake is van acute onveiligheid zal geadviseerd worden om contact te leggen met politie en informatie te delen. Er kan ook gevraagd worden om een melding te doen bij Veilig Thuis. In de samenwerking met Veilig Thuis kunnen signalen ook bij andere partijen worden opgehaald.
De zorgcoördinator blijft betrokken bij een slachtoffer zolang er een strafrechtelijk traject loopt. Dit kan meerdere jaren zijn. In de praktijk heeft de zorgcoördinator het meeste directe contact met het slachtoffer in de eerste periode dat een vermoedelijk slachtoffer is gesignaleerd. Wanneer een slachtoffer besluit geen aangifte te doen, blijft de zorgcoördinator betrokken tot de zorg goed geregeld is, een slachtoffer veilig is en met ondersteuning verder kan. Dit kan van enkele weken tot enkele maanden zijn. De zorgcoördinator heeft ook de rol om lacunes in de zorg te signaleren en deze te bespreken. Dit gebeurt soms landelijk, maar ook in de eigen regio.
Bekendheid en doorverwijzing naar Moviera
De gemeente Barneveld heeft nog niet veel ervaring met vastgestelde casussen mensenhandel. Wel is het wenselijk dat als er sprake is van een (mogelijk) slachtoffer er contact wordt opgenomen met Moviera, zodat Moviera met haar expertise op het gebied van mensenhandel kan meedenken over de casus en in de oplossing hiervan eventueel een rol kan spelen. Dit kan uiteraard naast lokale ondersteuning van andere partijen (zoals het jeugdwerk). Voor het slachtoffer is het in ieder geval belangrijk dat deze op vrijwillige basis de mogelijkheid krijgt voor contact met Moviera, zodat het slachtoffer de juiste ondersteuning (en erkenning) kan krijgen. Dat er sprake is van een situatie van mensenhandel moet in ieder geval bij Moviera worden gemeld. Moviera meldt op haar beurt weer bij Comensha. Dit is namelijk ook belangrijk voor de cijfers en om het probleem goed in beeld te krijgen. Moviera wordt nog niet standaard betrokken. Ook zijn niet alle professionals die in aanraking kunnen komen met slachtoffers van mensenhandel bekend met Moviera. Het streven is een situatie waarin dit wel het geval is. Dit betekent dus meer bewustwording en kennis onder andere over Moviera, naast meer kennis over het fenomeen mensenhandel. Wij zullen helpen Moviera meer onder de aandacht te brengen, bijvoorbeeld door ze te laten aansluiten bij bepaalde overleggen.
Overige gemeentelijke taken en doelen
Indien er sprake is van een mogelijk slachtoffer van mensenhandel, neemt Moviera veel op zich rondom de coördinatie wat er geregeld moet worden voor het slachtoffer. Toch zijn er ook zaken die door de gemeente geregeld dienen te worden of waarin de gemeente kan ondersteunen. Ten eerste rondom de opvang van slachtoffers. Moviera heeft (via Comensha) met name zicht op de opvangbedden specifiek voor slachtoffers van mensenhandel. Stel dat een slachtoffer voor deze opvanginstellingen een contra-indicatie heeft, moet het slachtoffer wellicht ergens anders geplaatst worden, zoals bijvoorbeeld in een vrouwenopvang voor huiselijk geweld (indien de uitbuiter hun partner is). Hierin kan de gemeente een rol spelen, gezien zij zicht heeft op de verschillende opvangbedden in de gemeente.
Naast de opvang van een slachtoffer, zal er in de verdere procedures ook mogelijk door de gemeente nog het een en ander geregeld of uitgezocht moeten worden. De zorgcoördinator kan bijvoorbeeld voor het slachtoffer een spoed Wmo-indicatie nodig hebben (bijvoorbeeld indien een slachtoffer voor zijn/ haar veiligheid naar een andere regio wordt verplaatst). Ook kan er bijvoorbeeld gevraagd worden of (buitenlandse) (soms onjuiste of ontbrekende) documenten geverifieerd kunnen worden. De zorgcoördinator maakt hiervoor gebruik van de normale routes (denk aan het Wmo-loket). Mochten er zich in de standaardroutes problemen voordoen, dan is het wenselijk dat de zorgcoördinator dit bij de aandachtsfunctionaris kan aankaarten (welke intern collega’s vanuit o.a. Jeugd, Sociaal domein, Wmo, BRP kan betrekken). Hierover dienen goede afspraken te worden gemaakt, zowel intern (wie is waar verantwoordelijk voor) als met Moviera. De verwachting is dat dit in de praktijk niet vaak zal voorkomen.
Er moet maatwerk kunnen worden geboden in de ondersteuning van slachtoffers. Ondersteuning kan niet altijd gevangen worden in bestaande protocollen en regels. Daarnaast is het belangrijk om voldoende laagdrempelige hulpverleningstrajecten beschikbaar te hebben, waarbij zo veel mogelijk wordt ingezet op bewezen effectieve interventies. Slachtoffers hebben een grote kans om terug in de handen van een mensenhandelaar te vallen. Inzet van de hulpverleningstrajecten bij de juiste organisaties is noodzakelijk om revictimisatie te voorkomen.
Over het vraagstuk van de verantwoordelijkheden die wij als gemeente hebben bij de opvang en zorg van slachtoffers van mensenhandel heeft een commissie onder voorzitterschap van Henri Lenferink, burgemeester van Leiden in 2015 onderzoek gedaan (belangrijke aanbevelingen hieruit komen terug in de punten uit het VNG kader). Een nog niet benoemde aanbeveling uit het Rapport van de Commissie Lenferink is dat in principe de gemeente waar het slachtoffer staat ingeschreven of, indien niet ingeschreven, aangetroffen wordt (financiële) verantwoordelijkheid neemt voor de hulp en opvang van slachtoffers die rechtmatig in Nederland verblijven. Indien dit laatste plaatsvindt in onze gemeente zullen we dan ook aan deze aanbeveling voldoen.
Er zal worden gemonitord of bovenstaande processen goed verlopen. Zoals gezegd is bij het eruit halen van slachtoffers mensenhandel uit hun situatie en het voorkomen van (voortdurend) slachtofferschap adequate en tijdige ondersteuning cruciaal.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.4