Bij de vaststelling wordt de subsidie berekend door het aantal uren dat peuters (ZKT en VVE ZKT/VVE MKT) hebben deelgenomen aan het peuterprogramma, met een maximum van 320 uur per jaar van de peuters ZKT en een maximum van 640 uur per jaar VVE peuters ZKT en VVE peuters MKT, in de periode van 1 januari tot 31 december, te bepalen. Dit wordt vermenigvuldigd met de hoogte van het subsidiebedrag per peuter-ZKT, VVE peuter- ZKT en VVE-peuter MKT per jaar zoals bepaald onder artikel 4, lid 1 tot en met 3.
Artikel 13
Berekeningswijze subsidie voor het aanbieden van een peuterprogramma bij de subsidievaststelling
Onderdeel van Subsidieregeling peuterprogramma en voorschoolse educatie 2025