**1..** Geen uitzicht op inkomensverbetering heeft de belanghebbende die op de peildatum:
**a..** een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt op basis van volledige arbeidsongeschiktheid;
**b..** volledig arbeidsongeschikt is als bedoeld in artikel 9 lid 5 van de wet;
**c..** een ontheffing heeft van de arbeidsverplichtingen genoemd in artikel 9 lid 1 met uitzondering van onderdeel c, of lid 2 van de wet dan wel artikel 37a van de IOAW of IOAZ, voor meer dan zes maanden;
**d..** op grond van artikel 9a van de wet dan wel 4b van de IOAW of IOAZ medisch urenbeperkt is, waarbij een vrijlating van inkomsten zoals bedoeld in artikel 31 lid 2 sub z van de wet dan wel artikel 8 lid 7 van de IOAW of artikel 8 lid 11 van de IOAZ van toepassing is;
**e..** voor zijn arbeidsinschakeling gedurende een periode van 12 maanden aangewezen is op ondersteuning bij re-integratie als bedoeld in artikel 7 lid 1 sub a van de wet dan wel artikel 36 lid `van de IOAW of IOAZ;
**f..** voor de eerste stap om tot arbeidsinschakeling te komen is aangewezen op een participatieplaats als bedoeld in artikel 10a van de wet sociale activering als bedoeld in artikel 6 lid 1, onderdeel a, sub 7 van de wet dan wel artikel 4a van de IOAW of IOAZ, of voor zijn maatschappelijke participatie is aangewezen op vrijwilligerswerk.
**2..** Belanghebbende als genoemd in voorgaande lid heeft recht op individuele inkomenstoeslag tenzij artikel 5 van toepassing is.
**3..** Wanneer in een andere situatie dan genoemd in lid 1 door het college kan worden vastgesteld dat geen sprake is van uitzicht op inkomensverbetering en artikel 5 is niet van toepassing, dan kan het college eveneens de aanvraag om individuele inkomenstoeslag toekennen.
Artikel 4.
Geen uitzicht op inkomensverbetering
Onderdeel van Beleidsregels individuele inkomenstoeslag gemeente Mook en Middelaar 2025