**1..** Het College van Burgemeester en Wethouders heeft de bevoegdheid om de bepalingen van het ARA, de regelingen ter uitvoering, de uitvoeringsvoorschriften en de verordeningen genoemd in deze verordening te wijzigen. Dit betekent niet dat de wijzigingen automatisch voor de directeur gelden. Daar de Gemeenteraad bevoegd gezag is voor de directeur, wordt dit via deze procedure geregeld.
**2..** De commissie beoordeelt, of de wijzigingen ook van toepassing zijn op de directeur. Per wijziging kan de commissie bepalen, of deze al dan niet voor de directeur geldt.
**4..** Dit lid regelt de gelding van de wijzigingen indien de commissie niet binnen twee weken meedeelt, of zij bedenkingen heeft.
**5..** Indien de commissie bezwaar heeft tegen bepaalde wijzigingen, heeft de Gemeenteraad uiteindelijk de bevoegdheid om te beslissen, of de wijzigingen gelden voor de directeur. Het College van Burgemeester en Wethouders legt de wijzigingen aan de Gemeenteraad voor, die hierover binnen de wettelijke termijn beslist.