1.. Iedere afdelingsmanager is gerechtigd om op het, met dit besluit aan zijn of haar ondergeschikten verleende algemene mandaat uitzonderingen aan te brengen.

2.. Een op het algemene mandaat aangebrachte uitzondering wordt door de afdelingsmanager schriftelijk vastgelegd, besloten en gearchiveerd. De wijze waarop de uitzondering wordt vastgelegd is vormvrij.

3.. Een besluit genomen op grond van het tweede lid treedt pas in werking nadat het in het Gemeenteblad bekend is gemaakt.

4.. Het voorgaande lid is van overeenkomstige toepassing op de besluiten die op grond van artikel 4 lid 5 en lid 6 door het college en/of burgemeester of de gemeentesecretaris worden genomen.