Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 2.5.10

Plaatsing van de voorgevel ten opzichte van de voorgevelrooilijn

Onderdeel van Bouwverordening 2003

1.. Een naar de weg gekeerd gevelvlak van een bouwvergunningplichtig gebouw moet in de voorgevelrooilijn zijn geplaatst. 2.. Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing: in de gevallen, vermeld in art. 2.5.7, en in die waarin de afwijking, vermeld in de artikelen 2.5.8 en 2.5.9, is verleend; in de gevallen, vermeld in art. 2.5.13, en in die waarin de afwijking, vermeld in art. 2.5.14, is verleend, voorzover het bouwwerk geheel achter de achtergevelrooilijn is geplaatst. 3.. Het bevoegd gezagkan de omgevingsvergunning verlenen in afwijking van het bepaalde in het eerste lid voor: gebouwen, behorende tot een complex van gebouwen; gebouwen op handels- en industrieterreinen; vrijstaande enkele of dubbele eengezinshuizen; bijgebouwen, anders dan bedoeld in artikel 2, onderdeel 3, of artikel 3, onderdeel 1 van bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht; gebouwen ten dienste van bodemcultuur en veeteelt, pluimveeteelt daaronder begrepen, en de daarbij behorende woningen; gedeelten van naar de weg gekeerde gevels; gevallen waarin de welstand bij het toestaan van de afwijking is gebaat.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel