1.. Burgemeester en Wethouders kunnen een aanwijzing tot gemeentelijk monument intrekken.

2.. Indien Burgemeester en Wethouders de aanwijzing intrekken, zijn artikel 6, tweede lid, en artikel 4 van overeenkomstige toepassing.

3.. De aanwijzing wordt geacht ingetrokken te zijn, indien toepassing wordt gegeven aan artikel 3 van de Monumentenwet 1988 of aan artikel 2 van de Monumentenverordening Noord-Holland 2005.

4.. De intrekking wordt op de gemeentelijke monumentenlijst aangetekend.

5.. Burgemeester en Wethouders kunnen bepalen dat een monument moet worden gedocumenteerd. De eigenaar, beperkt zakelijk gerechtigde en gebruiker zijn desgevraagd verplicht mee te werken aan de documentatie van het monument.