Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 24

Plaats van geldigheid van de vergunningen

Onderdeel van Parkeerverordening 2007

1.. De bewonersvergunning, de bedrijfsvergunning, de overloopvergunning, de sportverenigingvergunning, de volkstuinvergunning, de maatschappelijke vergunning, de autodeelvergunning, de mantelzorgvergunning en de kraskaartvergunning zijn geldig in het vergunninggebied waarvoor ze zijn verleend, tenzij de geldigheid is beperkt ingevolge het vierde lid of ingevolge het vijfde lid van artikel 27. 2.. De belanghebbendenvergunning is geldig op de in de vergunning aangegeven plaats of plaatsen. 3.. De hulpverlenervergunning en de gehandicaptenvergunning zijn geldig in alle vergunninggebieden. 4.. De geldigheid van de parkeervergunningen kan binnen een vergunninggebied naar plaats gedurende bepaalde tijden worden beperkt indien dat in de krachtens hoofdstuk 2 gegeven nadere regels is bepaald. 5.. Het vierde lid is niet van toepassing op de hulpverlenervergunning en de gehandicaptenvergunning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel