- - Voor de belastingaanslagen onroerende-zaakbelastingen als bedoeld in artikel 5, lid 1, onderdeel b, sub i (Woningen) van die verordening wordt volledige kwijtschelding verleend van het in te vorderen bedrag.
- - Voor de belastingaanslagen afvalstoffenheffing wordt alleen kwijtschelding verleend voor het bepaalde in hoofdstuk 1, artikel 2, onderdeel a en b van de tarieventabel van die verordening.
- - Voor de belastingaanslagen rioolheffing wordt alleen kwijtschelding verleend van het bepaalde in artikel 3, lid 1, onder b, in relatie met:
- - artikel 7, lid 2, onderdeel a (Niet woningen);
- - en artikel 7, lid 4, onderdeel a en b (woningen);
van die verordening.
Artikel 3 Berekeningswijze kosten van bestaan
Bij de kwijtschelding van de in artikel 2 genoemde belastingen wordt in afwijking van artikel 16, eerste en tweede lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 het percentage voor de berekening van de kosten van bestaan gesteld op 100 procent.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid wordt overeenkomstig artikel 3 van de Regeling kwijtschelding belastingen medeoverheden voor de vaststelling van de kosten van bestaan van pensioengerechtigden in plaats van de bijstandsnorm het netto-ouderdomspensioen gehanteerd.
Artikel 4 Netto kosten kinderopvang
Als uitgaven als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 worden mede in aanmerking genomen de in artikel 28, derde lid, van genoemde regeling bedoelde netto kosten van kinderopvang.
Artikel 5 Kwijtschelding aan ondernemers
Met inachtneming van het overigens in dit besluit bepaalde, wordt een verzoek om kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en heffingen die geen verband houden met de uitoefening van het bedrijf of beroep, van een natuurlijk persoon die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent, behandeld volgens de bepalingen van hoofdstuk II, afdelingen 1, 2 en 5 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990.