Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 15.

Termijnen van graven

Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats 2025

1.. Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats zulks toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, het recht op een particulier graf. 2.. Een algemeen graf wordt uitgegeven voor de duur van 10 jaar, waarna niet verlengd kan worden. 3.. Het recht op een particulier graf wordt verleend voor de termijn van twintig jaar. 4.. De genoemde termijn in het tweede lid en het derde lid vangt aan op de datum waarop het graf is uitgegeven. 5.. Het recht op een particulier graf wordt op verzoek van de rechthebbende telkens met een termijn van tien jaren verlengd. Het verzoek dient voor het verstrijken van de lopende termijn te worden ingediend. 6.. Het recht op een particulier graf met een beschermd bijzondere status wordt uitgegeven of verlengd, op grond van de Wet op de lijkbezorging artikel 28 eerste lid, voor onbepaalde tijd, ongeacht in welke categorie het graf valt. 7.. De genoemde termijn in het zesde lid vangt aan op de datum waarop het graf voor het eerst wordt uitgegeven na de inwerkingtreding van deze verordening. 8.. Bij verlenging van de uitgifte van het recht op een particulier graf vangt het genoemde termijn in het zesde lid aan met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2023 of zoveel later waarop het grafrecht verlengd is. 9.. De genoemde termijn in het zesde lid en de aanvangstermijn in het zevende lid overschrijven de genoemde termijnen in het derde lid, vierde en vijfde lid. 10.. Een recht als bedoeld in het eerste lid kan slechts aan één rechthebbende worden verleend ten behoeve van zichzelf. Verlening van het recht ten behoeve van een ander is slechts mogelijk indien daarvoor gewichtige redenen bestaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel