Begeleiding kan zich richten op versterking van de zelfredzaamheid van de inwoner op een -of meerdere –domeinen die in de zelfredzaamheidsmatrix zijn opgenomen: Financiën, Dagbesteding, Huisvesting, Huiselijke relaties, Geestelijke gezondheid, Lichamelijke gezondheid, Verslaving, Activiteiten Dagelijks Leven, Sociaal netwerk, Maatschappelijke participatie en Justitie. De verschillende treden van de participatieladder (geïsoleerd, sociale contacten buiten de deur, deelname aan georganiseerde activiteiten, onbetaald werk, betaald werk met ondersteuning en betaald werk) geven doelen aan t.a.v. participatie.
De inwoner heeft onderdak
De ondersteuning richt zich op het creëren van noodzakelijke voorwaarden om de ondersteuning te bieden. Soms kan dat niet adequaat/doelmatig in de thuissituatie.
De inwoner kan optimaal sociaal en persoonlijk functioneren
De ondersteuning is gericht op versterking van de (dag)structuur, het voeren van regie of de praktische vaardigheden op sociaal en persoonlijk vlak. Bijvoorbeeld het maken en volgen van een dag- of weekplanning, het verder ontwikkelen van sociale vaardigheden of het vergroten van het sociale netwerk.
De inwoner kan deelnemen aan de samenleving
De ondersteuning is gericht op versterking van de participatie in de samenleving. De verschillende treden van de participatieladder geven doelen aan .
De inwoner kan zijn financiële huishouding voeren
De ondersteuning richt zich op structuur/regievoering en op praktische vaardigheden op financieel-administratief vlak. Bijvoorbeeld het voeren van de thuisadministratie. Een voorbeeld van een doelstelling binnen dit resultaatgebied kan zijn: “de inwoner betaalt zijn rekeningen op tijd’.
De inwoner heeft een structuur/invulling van de dag
De ondersteuning richt zich op het deelnemen aan activiteiten die zorgen voor structuur en/of invulling van de dag. Het kan een opstap zijn naar ontwikkeling van arbeidsmatige vaardigheden.
Dagbesteding ook aan de orde zijn om de mantelzorger te ontlasten. Een voorbeeld van een doelstelling binnen dit resultaatgebied kan zijn: “de inwoner heeft een zinvolle dagbesteding, gericht op behoud of ontwikkeling van vaardigheden”.
De inwoner is verzorgd/voert de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) zoveel als mogelijk zelf uit
De ondersteuning richt zich op het aansturen van/toezicht houden op de persoonlijke verzorging van de inwoner en het nakomen van afspraken met zorgprofessionals. Wanneer beperking m.n. veroorzaakt wordt door een verstandelijke of zintuigelijke beperking of psychiatrische problematiek dan kan ook lijfgebonden persoonlijke verzorging worden geboden. Een voorbeeld van een doelstelling binnen dit resultaatgebied kan zijn: “de inwoner neemt zijn medicatie op tijd in”.
De mantelzorgers van de inwoner worden tijdelijk ontlast
Dit bestaat onder andere uit het geven van informatie en advies, het organiseren van lotgenoten contacten en bijeenkomsten en respijtzorg.