** 1. .** De volgende kosten voor de activiteiten, bedoeld in artikel 3.1 zijn subsidiabel, mits deze aantoonbaar zijn en voldoen aan artikel 4.8 van de AsvpU en de Beleidsregel projectsubsidies:
voorbereidingskosten om te komen tot een projectplan, die tot maximaal 18 maanden voor het indienen van de aanvraag gemaakt zijn, tot een maximum van 15% van de subsidiabele kosten;
kosten voor inzet van eigen personeel, externe inhuur en uitbesteding van diensten;
kosten voor materialen, hulpmiddelen, apparatuur en gebouwen;
kosten voor vrijwilligers voor zover er daadwerkelijk een vergoeding voor wordt betaald tot een maximum van wat belastingvrij kan worden uitgekeerd;
kosten voor communicatie en draagvlakvergroting gericht op de inwoners van de provincie Utrecht, ter bevordering van hun betrokkenheid bij de Utrechtse aandachtsoorten en rode lijstsoorten en de mogelijkheid tot beleving van natuur in dat kader, tot maximaal 10% van de subsidiabele kosten;
kosten voor scholing van beheerders in relatie tot de gesubsidieerde activiteiten tot maximaal 20% van de subsidiabele kosten;
kosten voor onvoorziene omstandigheden tot maximaal 5% van de uitvoeringskosten;
legeskosten die gemaakt worden voor vergunningen of ontheffingen die nodig zijn voor de te subsidiëren activiteit, behalve als deze gemaakt worden door een overheid.
** 2. .** De volgende kosten zijn niet subsidiabel:
interne loonkosten van een gemeente of waterschap;
kosten voor aanschaf van machines.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.8
Subsidiabele kosten
Onderdeel van Subsidieregeling Leefomgeving landelijk gebied provincie Utrecht