Het Didam-arrest van de Hoge Raad is van grote invloed bij het vervreemden dan wel het anderszins in gebruik geven van gronden. Nog meer dan voorheen is de gemeente nu gebonden aan de regels van mededinging en algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De Hoge Raad heeft in dit arrest geoordeeld dat overheden zich bij elke voorgenomen vervreemding dan wel het anderszins in gebruik geven van onroerend goed moet afvragen of er meerdere gegadigden zijn. Overheidsinstanties dienen bij de verkoop of het anderszins in gebruik geven van onroerend goed ruimte te bieden aan potentiële kandidaten, waarna een selectieprocedure wordt gevolgd op basis van objectieve, toetsbare en redelijke criteria. Het niet toepassen van de regels uit het arrest leidt tot strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur en de nietigheid van overeenkomsten. Uitzonderingen zijn mogelijk als redelijkerwijs kan worden verwacht dat slechts één serieuze kandidaat in aanmerking zal komen, maar daar zal zorgvuldig mee moeten worden omgegaan. De overheid moet deze afweging dan tijdig, voor de verkoop dan wel het anderszins in gebruik geven van de grond, openbaar maken. Partijen die het daar niet mee eens zijn, krijgen de gelegenheid om te proberen de verkoop dan wel het anderszins in gebruik geven van de grond, tegen te houden.
Bij vervreemding dan wel het anderszins in gebruik geven van snippergroen, zoals omschreven in voorgaande paragraven van deze nota door de gemeente, zijn er zodoende twee mogelijkheden;
2 of meer serieuze geïnteresseerde partijen: selectieprocedure en
slechts één serieus geïnteresseerde partij: één-op-één vervreemding dan wel het anderszins in gebruik geven.
Voor beide trajecten moet de gemeente een afzonderlijke werkwijze volgen. Het is daarom van belang dat vanaf het begin duidelijk wordt vastgesteld welk traject van toepassing is.
Het is in het belang van een eerlijk proces, noodzakelijk om een mededeling tot voornemen van vervreemding dan wel het anderszins in gebruik geven eerst openbaar te publiceren, in ieder geval in het gemeenteblad (via overheid.nl). Er worden in het Didam-arrest geen concrete uitspraken gedaan over de termijn tussen publicatie waarbinnen gegadigden kunnen reageren op de publicatie. De gemeente acht het redelijk om 20 kalenderdagen aan te houden.
De strekking van het Didam-arrest is dat overheden bij de vervreemding dan wel het anderszins in gebruik geven van onroerende zaken aan alle potentiële gegadigden de gelegenheid moeten bieden om mee te dingen.