Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.

Artikel 7.

Onderzoek en opstellen ondersteuningsplan

Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente West Betuwe 2025

1.. Het college onderzoekt in een gesprek met de jeugdige en/of ouder(s) zo spoedig mogelijk en voor zover nodig in het kader van de ondersteuningsvraag: de behoeften, persoonskenmerken, voorkeuren, veiligheid, ontwikkeling en gezinssituatie van de jeugdige en/of zijn ouder(s) en het probleem of de ondersteuningsvraag; het gewenste resultaat van het verzoek om jeugdhulp; het vermogen van de jeugdige en/of zijn ouder(s) om zelf of met ondersteuning van de naaste omgeving een oplossing voor de ondersteuningsvraag te vinden (eigen kracht); de mogelijkheden om gebruik te maken van een andere en/of algemene voorziening; de mogelijkheden om de ondersteuningsvraag te beantwoorden door het inzetten van een algemene voorziening; de mogelijkheden om een individuele voorziening te verstrekken; de mogelijkheden om te kiezen voor een pgb, waarbij de jeugdige en/of ouder(s) in begrijpelijke bewoordingen wordt ingelicht over de gevolgen van die keuze; de wijze waarop een mogelijk toe te kennen individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, of werk en inkomen; hoe rekening kan worden gehouden met de godsdienstige gezindheid, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de jeugdige en/of ouder(s). 2.. Het college vraagt, met instemming van de jeugdige en/of zijn ouder(s), informatie op bij andere instanties, zoals de huisarts, en kan met deze in gesprek gaan over de problemen en de meest aangewezen hulp. 3.. Het college en de jeugdige en/of ouder(s) leggen de zaken genoemd in het eerste lid vast in het ondersteuningsplan. 4.. Met toestemming van de jeugdige en/of ouder(s) worden in het ondersteuningsplan afspraken opgenomen over het moment en de wijze waarop de resultaten van het ondersteuningsplan met de jeugdige en/of ouder(s), Team Sociaal en de jeugdhulpaanbieder besproken worden. 5.. Het college kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de inhoud van en de wijze waarop het onderzoek wordt uitgevoerd.

Rechtspraak bij dit artikel