Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.4

Artikel 3.4.1

Intrekken en vervallen verklaren van een standplaatsvergunning

Onderdeel van Beleidsregels Standplaatsen Voorne aan Zee 2025

De vergunning kan worden ingetrokken indien; De vergunninghouder hierom verzoekt; De vergunninghouder zich na twee schriftelijke waarschuwingen niet houdt aan de van toepassing zijnde wet, regelgeving en vergunningvoorschriften omtrent het gebruik van de standplaats; Gedurende drie maanden geen gebruik is gemaakt van de vergunning; Indien de vergunninghouder ter verkrijging van de vergunning onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt; Indien op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de vergunning, intrekking of wijzing noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning is verstrekt; Indien van de vergunning geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen een redelijke termijn; Indien (dwingende) redenen van algemeen belang daartoe aanleiding geven. De vergunning wordt ingetrokken wanneer: De vergunninghouder hierom verzoekt; De vergunninghouder zijn/haar bedrijf beëindigt; De vergunninghouder overlijdt; De vergunning niet gebruikt wordt volgens de op de vergunningaanvraag vermelde gegevens op basis waarvan de vergunning is verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel