Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf §1

Artikel 1

Definities

Onderdeel van Beleidskader ‘(Pré-)mantelzorgwoningen en meergeneratiewoningen Oirschot 2025’

In dit beleidskader wordt verstaan onder: Aanvraag Een schriftelijk ingediend verzoek voor het realiseren van een tijdelijke woonvoorziening óf voor het gebruik van de tijdelijke woonvoorziening in het kader van mantelzorg, pré-mantelzorg of meergeneratiewonen, in situaties dat dit niet vergunningsvrij is. Een schriftelijk verzoek kan ook digitaal ingediend worden. Aanvrager Een natuurlijk persoon, niet handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf, die een aanvraag indient om een tijdelijke woonvoorziening te realiseren óf voor het gebruik van de tijdelijke woonvoorziening in het kader van mantelzorg, pré-mantelzorg of meergeneratiewonen, op het adres waar die woonachtig is. Besluit bouwwerken leefomgeving (afgekort: Bbl) In het ‘Besluit bouwwerken leefomgeving’ (afgekort: Bbl) staan regels over onder andere veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en bruikbaarheid van bouwwerken. Daarnaast heeft het Bbl regels over de staat en het gebruik van een bouwwerk én over het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden. Binnen de bebouwde kom De bebouwde kom is de op korte afstand van elkaar gelegen bebouwing geconcentreerd tot een samenhangende structuur. De bebouwde kom omvat veelal aaneengesloten bebouwing met overwegend woon- en verblijfsfuncties, waarin veel mensen per oppervlakte-eenheid ook daadwerkelijk wonen of verblijven. Dit gebied is aangegeven op de kaart ‘’Planologische komgrenzen’’ van de gemeente Oirschot. Deze kaart (bijlage 5) is vastgesteld door de gemeenteraad. Buiten de bebouwde kom Het gebied dat niet behoort tot de bebouwde kom zoals beschreven onder de definitie ‘Binnen de bebouwde kom’. College Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oirschot. Familiaire relatie in de eerste graad Tot familie in de eerste graad behoren (adoptie)ouders en (adoptie)kinderen. Familiaire relatie in de tweede graad Tot familie in de tweede graad behoren broers/zussen, kleinkinderen en grootouders. Familiaire relatie in de derde graad Tot familie in de derde graad behoren ooms/tantes, neven/nichten (kinderen van een broer of zus), overgrootouders en achterkleinkinderen. Hoofdwoning De hoofdwoning is het gebouw waar het persoonlijke leven van iemand zich in hoofdzaak afspeelt (simpel gezegd: waar iemand leeft of woont en dus diens hoofdverblijf heeft). Om realisatie van een tijdelijke woonvoorziening om mantelzorg, pré-mantelzorg of meergeneratiewonen mogelijk te maken, dient er een hoofdwoning aanwezig te zijn. Mantelzorg Intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond. Mantelzorgwoning Een tijdelijke woonvoorziening in of bij de hoofdwoning bestemd voor één huishouden van ten hoogste twee personen, van wie ten minste één persoon mantelzorg verleent aan of ontvangt van een bewoner van de hoofdwoning (een mantelzorgrelatie). Meergeneratiewonen Een vorm van samenwonen, waarbij geldt dat er een familiaire relatie bestaat in de eerste of tweede graad tussen tenminste de aanvrager en tenminste één persoon van het huishouden ten behoeve van wie een aanvraag wordt gedaan om meergeneratiewonen in een tijdelijke woonvoorziening mogelijk te maken. Meergeneratiewoning Een tijdelijke woonvoorziening in of bij de hoofdwoning, waarmee meergeneratiewonen mogelijk wordt gemaakt, waarbij geldt dat de meergeneratiewoning bestemd is voor huisvesting van maximaal één huishouden. Monumentale status De hoofdwoning of een bij de hoofdwoning behorend bijgebouw kent een monumentale status, waarbij er sprake kan zijn van een rijksmonument, een gemeentelijk monument of een beschermd stads- of dorpsgezicht. Omgevingsplan Het omgevingsplan bevat de gemeentelijke regels voor activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving. Het omgevingsplan is in het kader van de Omgevingswet de opvolger van het bestemmingsplan. Omgevingsvergunning voor tijdelijk gebruik Een vergunning die mogelijk nodig is om het gebruik van een tijdelijke woonvoorziening mogelijk te maken. Omgevingsvergunning voor bouwactiviteiten Een vergunning die mogelijk nodig is voor de realisatie van een tijdelijke woonvoorziening in de vorm van een aanbouw, uitbouw of bijgebouw. Persoonsgebonden omgevingsvergunning De omgevingsvergunning die wordt verleend aan de aanvrager, die wordt gekoppeld aan de personen ten behoeve waarvan pré-mantelzorg of meergeneratiewonen mogelijk wordt gemaakt. Pré-mantelzorg Een vorm van samenwonen, waarbij geldt dat tenminste één persoon de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt en waarbij geldt dat er een familiaire relatie bestaat in de eerste, tweede of derde graad tussen tenminste de aanvrager en tenminste één persoon van het huishouden ten behoeve van wie een aanvraag wordt ingediend om een tijdelijke woonvoorziening in het kader van pré-mantelzorg in gebruik te nemen. Bij pré-mantelzorg is er dus nog geen sprake van mantelzorg. Pré-mantelzorgwoning Een tijdelijke woonvoorziening in of bij de hoofdwoning, waarmee pré-mantelzorg mogelijk wordt gemaakt, waarbij geldt dat de pré-mantelzorgwoning bestemd is voor huisvesting van maximaal één huishouden van ten hoogste twee personen. Tijdelijk bouwwerk Een bouwwerk dat is bedoeld om tijdelijk op een locatie te gebruiken, waarvan de instandhoudingstermijn is gekoppeld aan het tijdelijk gebruik van het bouwwerk. Tijdelijke woonvoorziening Een mantelzorgwoning, pré-mantelzorgwoning of meergeneratiewoning in een bij de hoofdwoning behorende aanbouw, uitbouw of bijgebouw.

Rechtspraak bij dit artikel