Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.1

Artikel 2.1.1

Sociale woningbouw

Onderdeel van Grondprijzennota 2025

De liberalisatiegrens is gestegen van € 806,06 naar € 879,66. De bouwkosten (vooral personeelskosten) voor nieuwbouwwoningen zijn ook licht gestegen. De grondprijzen voor sociale woningbouw in 2025 blijven daardoor gelijk aan die van 2024. Binnen de sociale woningbouwcategorie wordt onderscheid gemaakt in eengezinswoningen onder en boven de aftoppingsgrens (1De aftoppingsgrens is de bovengrens van de maandelijkse huurprijs voor de toekenning van huurtoeslag. Er zijn 2 aftoppingsgrenzen die ieder jaar op 1 januari worden aangepast. Voor 2025 is de lage aftoppingsgrens vastgesteld op € 682,96 voor 1 of 2-persoonshuishoudens tussen 23 en de AOW-gerechtigde leeftijd. De hoge aftoppingsgrens is vastgesteld op € 731,93 voor huishoudens van 3 of meer personen. ). Voor sociale huurappartementen geldt een vaste prijs van € 17.500,- ex. BTW per appartement/wooneenheid. Woningbouw-categorieën Normkavel Woningtype Kavelprijs, excl. BTW 2025 Sociale huur eg 125 m² Onder aftoppingsgrens € 18.350,- Sociale huur eg 140 m² Boven aftoppingsgrens € 22.500,- Sociale huur mg (app.) € 17.500,- (per app.) Tabel 1: Vaste (kavel)prijzen sociale woningbouw exclusief BTW De basis voor deze grondprijsafspraken met corporaties is dat de woning in het sociale segment blijft. Mocht de corporatie toch willen verkopen binnen een periode van 10 jaar, dan is die corporatie een nabetaling verschuldigd bij de verkoop van die betreffende woning. De nabetaling bedraagt het geïndexeerde verschil tussen de betaalde (sociale) grondprijs en de grondprijs zoals die in deze Grondprijzennota is vastgelegd voor een soortgelijke vrije sectorwoning. De CPI-index is in deze regeling van toepassing. De basisbedragen voor de nabetaling zullen in de akte van levering worden vermeld.

Rechtspraak bij dit artikel