1. De voorzitter van de commissie stelt belanghebbenden of
vertegenwoordigers van organisaties en doelgroepen in de gelegenheid het
woord te voeren over een op de agenda voorkomend onderwerp voordat
behandeling door de leden plaatsvindt. Het initiatief hiertoe kan worden
genomen door betrokkenen of door de commissie.
2. De voorzitter geeft de insprekers het woord voordat de leden van de
raadscommissie aan het woord komen.
3. Insprekers kunnen gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten per
agendapunt het woord voeren.
4. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten per agendapunt het woord. De
voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan
zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken
van de maximale lengte van de spreektijd.
5. In de publicatie als bedoeld in artikel 13 wordt melding gemaakt van de
mogelijkheid het woord te voeren.
Artikel 19
Inspreekrecht
Onderdeel van Verordening, regelende de orde voor de vergaderingen van de raadscommissie