Het thema armoede, schulden en geldzorgen heeft zowel landelijk als lokaal de afgelopen jaren meer aandacht gekregen dan ooit door o.a. de coronacrisis en de energiecrisis. De overheid heeft door middel van regelingen als de Energietoeslag en het prijsplafond geprobeerd om inwoners die werden geraakt door de energiecrisis te ondersteunen. Desondanks wordt landelijk gezien dat de financiële bestaanszekerheid van inwoners met een laag inkomen onder druk staat. Zoals al benoemd in hoofdstuk 2.3 heeft de landelijke Commissie Sociaal Minimum geconcludeerd dat het besteedbaar inkomen van veel huishoudens op het sociaal minimum te laag is waardoor zij niet rond kunnen komen11 Een zeker bestaan, naar een toekomst bestendig stelsel van het sociaal minimum, Commissie Sociaal Minimum, 30 juni 2023.

Het gaat hierbij niet enkel om het hebben van voldoende inkomen, maar ook om de voorspelbaarheid en toegankelijkheid van het stelsel zoals toeslagen en tegemoetkomingen. De Commissie Sociaal Minimum stelt ook dat de verhouding tussen gemeenten en de Rijksoverheid uit balans is: er is veel verschil tussen het armoedebeleid van gemeenten wat ongelijkheid met zich meebrengt. Daarnaast adviseren zij de Rijksoverheid om met landelijke toereikende regelingen te komen voor mensen met een inkomen op het sociaal minimum, zodat gemeenten zich weer kunnen richten op individueel maatwerk.

Ook in de herziening van de Participatiewet (Participatiewet in Balans) staat de menselijke maat, vertrouwen en eenvoud voorop. De Participatiewet is een vangnet dat ervoor zorgt dat mensen financieel niet door het ijs zakken en naar vermogen mee kunnen doen in de samenleving. We hebben de afgelopen jaren gezien dat de Participatiewet niet voor iedereen werkt zoals dit zou moeten. Er is behoefte aan een voorspelbaar en begrijpelijk vangnet met ruimte voor maatwerk.

In de laatste voortgangsrapportage van de aanpak geldzorgen, armoede en schulden van voormalig minister Carola Schouten lezen we dat armoede de laatste drie jaar is gedaald met 1,4% en kinderarmoede zelfs met 2,3%. Er leven zo’n 230.000 mensen minder in armoede, waarvan 73.000 kinderen. Problematische schulden zijn landelijk gezien echter juist toegenomen. Had in 2022 nog 7,7% van de huishoudens landelijk gezien problematische schulden, nu is dat 8,8%. De overheid kan gericht gezinnen in armoede bereiken met toeslagen, maar heeft veel minder grip op het ontstaan en oplossen van schulden.

Er is daarom ook landelijk gezien veel aandacht voor de verbetering van schuldhulpverlening. Er ligt een plan voor de basisdienstverlening voor schuldhulpverlening. Doel van dit plan is de gemeentelijke schuldhulp te verbeteren door een hulpaanbod dat toegankelijker is en in elke gemeente bestaat uit minimaal dezelfde elementen. Het streven is dat alle gemeenten de richtlijnen en handvatten van ‘Elementen van Basisdienstverlening’ invoeren.