De ontvanger kan aan het verlenen van uitstel verschillende voorwaarden verbinden. De ontvanger kan echter op verzoek van de belastingschuldige toestaan dat nieuwe belastingaanslagen, waarvan het ontstaan of onbetaald laten niet aan de belastingschuldige kan worden toegerekend, in een bestaande betalingsregeling worden opgenomen. Voorwaarde is dat de belasting-schuldige zijn gehele betalingscapaciteit al heeft ingezet in het kader van de bestaande betalingsregeling.
De ontvanger kan alvorens het uitstel te verlenen, zekerheid eisen als de aard van de belastingschuld dan wel de omvang van de belastingschuld in relatie tot de verhaalsmogelijkheden die bij de ontvanger bekend zijn, daartoe aanleiding geeft.
Hoofdstuk 18. › Paragraaf 18.5.
Artikel 18.5.2.
Voorwaarden aan betalingsregeling particulieren (25.5.2)
Onderdeel van Leidraad invordering gemeentelijke belastingen