**1..** De regeling kan worden opgeheven krachtens een daartoe strekkend eensluidend besluit van de colleges van de deelnemers met inachtneming van artikel 1 van de wet.
**2..** Opheffing is niet mogelijk gedurende de eerste drie jaren na de oorspronkelijke datum van het aangaan van de gemeenschappelijke regeling zijnde 1 januari 2015.
**3..** Een verzoek tot opheffing van deze regeling kan uitgaan van een of meer deelnemers en dient tenminste één jaar voor de beoogde datum van opheffing bij aangetekende brief te worden ingediend bij het college van de centrumgemeente.
**4..** Het college van de centrumgemeente doet het voorstel tot opheffing binnen een maand na ontvangst van het verzoek toekomen aan de colleges van de overige deelnemers.
**5..** Ingeval van opheffing van de regeling besluiten de colleges van de deelnemers tot liquidatie en stellen daarvoor een liquidatieplan vast.
**6..** Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemers tot deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing. Het liquidatieplan bevat daarnaast een personeelsplan dat zoveel mogelijk voorziet in herplaatsing van het personeel en de financiële gevolgen voor het personeel.
**7..** Het college van de centrumgemeente is belast met de uitvoering van de liquidatie.
**8..** Zo nodig blijft de belastingsamenwerking bestaan totdat de liquidatie is voltooid.
**9..** Alle rechten en verplichtingen van de regeling die resteren na uitvoering van het liquidatieplan gaan bij vereffening over naar de deelnemers, tegen de op dat moment geldende verdeelsleutel volgens de dienstverleningsovereenkomst.
Artikel 13
Opheffing en liquidatie van de regeling
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Gemeentelijke Belastingen Bollenstreek