Hieronder staat een tabel met de stappen die de gemeente volgt bij een melding van woonoverlast. De gemeente volgt de stappen zoveel mogelijk, maar soms kan er een goede reden zijn om hiervan af te wijken. In dat geval legt de gemeente uit waarom zij dat doen.

Overzicht of dossier

Vanaf stap vijf is het belangrijk om een soort dagboek bij te houden. Als een toezichthouder, politieagent of andere deskundige een overtreding vaststelt dan maakt deze er een verslag van. Dat kan ook een verklaring zijn van iemand die de overlast gezien of gehoord heeft, maar alleen als die verklaring gecontroleerd kan worden.

Daar waar staat ‘hij’ kan dit ook gelezen worden als ’zij’.

Stappenplan

Stap 1 Melding of signalen

Als er ernstige woonoverlast in de buurt is, kan dit op verschillende manieren aan de gemeente worden gemeld (zie artikel 4 Melden van woonoverlast). Het is belangrijk dat de melder de melding of klacht kan onderbouwen met echte feiten en bewijs. Dus laten zien wat er precies gebeurt. Ook is het belangrijk dat hij voldoet aan de regels die in artikel 6 staan.

Stap 2 Gesprek met melden

Nadat de melding is binnengekomen praten we met de melder. Dit doen we om de situatie beter te begrijpen en om te kijken wat we daarna moeten doen. Soms sturen we de zaak meteen door naar buurtbemiddeling. Als het lijkt dat er ernstige en terugkomende overlast is, dan volgen we het stappenplan verder.

Stap 3 Het bepalen, controleren en beoordelen van de woonoverlast

Alle meldingen die bij de gemeente binnenkomen worden gecontroleerd. Dit kan met hulp van de politie, toezichthouders of andere betrokken partijen die helpen bij het aanpakken van woonoverlast. Als het om huurwoningen gaat kan de woningcorporatie ook iets doen. Het is belangrijk om precies te weten wat voor soort overlast er is en hoe ernstig het is. Dit kunnen we op de volgende manieren controleren*:

  • - Nagaan of er klachten en meldingen zijn van mensen die in de buurt wonen;
  • - Nagaan of de verhuurder waarschuwingsbrieven heeft gestuurd;
  • - Nagaan of er informatie is over al genomen maatregelen of procedures, zoals buurtbemiddeling of mediation;
  • - Nagaan of er rapporten, processen-verbaal of verslagen zijn van ambtenaren, de politie of gemeente;
  • - Nagaan of er foto’s, video’s, geluidsopnames of andere objectieve metingen zijn;
  • - Nagaan of er brieven van hulpverlenende instanties, zoals GGZ, GGD, maatschappelijk werk of verslavingszorg zijn.

* de informatie in deze en de vorige stappen kan ook in het dossier worden gedaan; zie ‘stap 5’.

Stap 4 Eerste weegmoment

Is er waarschijnlijk “ernstige en terugkomende woonoverlast”, zoals staat in artikel 2:49a van de APV?

  • - JA: het stappenplan wordt verder gevolgd.
  • - NEE (of: nog niet): de melder krijgt advies over wat nog meer nodig is.

Stap 5 Informatie verzamelen en samenwerken met andere organisaties

Als er veel overlast is en het lijkt ernstig en terugkomend te zijn, dan gaan we onderzoeken welke ketenpartners betrokken zijn en wat zij kunnen doen. Als er naast overlast ook andere problemen zijn, dan wordt de regisseur zorg en veiligheid ingeschakeld om te helpen. Deze regisseur kan een overleg plannen met iedereen die erbij betrokken is.

Samen met de gemeente, politie en woningbouw bepalen we wie er een gezamenlijk dossier aanlegt en welke informatie daarin komt. Bij het verzamelen van deze informatie houden we rekening met de privacyregels. Een goed dossier is belangrijk als we uiteindelijk volgens de wet actie willen nemen. Bij ernstige en terugkomende overlast moet dit objectief en aantoonbaar zijn.

Stap 6 Onderzoeken geschikte maatregelen

Om ervoor te zorgen dat de ernstige overlast minder wordt, kijken we eerst welke aanpak het beste helpt in de situatie. We letten daarbij op wat redelijk en nodig is, en houden rekening met de bijzonderheden van de situatie. We proberen de minst strenge maatregelen die waarschijnlijk zullen helpen tegen de overlast. Als die maatregelen niet werken of niet genoeg helpen, kunnen we uiteindelijk strengere maatregelen nemen om de overlast te stoppen.

Stap 7 Gesprek voeren met betrokkenen

Bij overlast proberen we eerst een gesprek te voeren met de mensen die er last van hebben, en met degene die overlast veroorzaakt. Dit noemen we ook wel een ‘goed gesprek’. Dit gesprek kan gedaan worden door bijvoorbeeld de wijkagent, een boa, de verhuurder of maatschappelijk werk.

Stap 8 Onderzoeken inzet van buurtbemiddeling

Als er problemen zijn tussen buren, kan buurtbemiddeling helpen. Dit is een makkelijke manier om overlast te stoppen. Als dit nog niet geprobeerd is, moeten we eerst kijken of buurtbemiddeling kan helpen, voordat we een andere oplossing zoeken.

Stap 9 Versturen gespreksverslag en/of waarschuwing

Dit kan een kopie zijn van het gespreksverslag (stap 7 of 8) met daarin alle afspraken.

Stap 10 Officiële schriftelijke waarschuwing over het geven van een gedragsaanwijzing (vrijwillige gedragsaanwijzing)

Let op: vanaf deze stap is ernstige en terugkomende woonoverlast aangetoond. Dit betekent dat deze en volgende stappen alleen gevolgd worden als er echt veel overlast is geweest in de buurt.

Als iemand zich niet aan de afspraken houdt of als er opnieuw overlast is, stuurt de burgemeester een officiële brief. In die brief staat dat de burgemeester strengere maatregelen zal nemen als de overlast niet stopt. Dat betekent dat de overlastmaker en/of de verhuurder een waarschuwing krijgen dat er strenge regels komen als de overlast niet stopt. In artikel 2:49a van de APV staat wanneer de burgemeester dit mag doen.

Stap 11 Opleggen last onder dwangsom (definitieve gedragsaanwijzing)

Als stap 10 niet heeft geholpen en de overlast nog steeds niet is gestopt, komt de burgemeester in actie. De burgemeester legt dan een maatregel op, die heet een ‘last onder dwangsom’. Hierin staat precies wat de overlastmaker wel en niet mag doen. Als die persoon zich niet aan de regels houdt, moet hij een geldbedrag betalen. Het is dus een manier om ervoor te zorgen dat mensen zich aan de regels houden.

Stap 12 Verbeuren en invorderen dwangsom

Als de overlastmaker zich niet aan de regels houdt en iets doet wat niet mag, moet hij betalen. Elke keer dat hij betrapt wordt op het overtreden van die regels, moet hij een geldbedrag betalen.

Stap 13 Hogere last onder dwangsom (optie)

Als de overlast nog niet is gestopt en de dwangsom al helemaal is opgelegd, kan de burgemeester een nog hogere dwangsom opleggen. Soms kan de burgemeester ook meteen naar stap 15 gaan, dat heet een ‘last onder bestuursdwang’. Dan slaan we stap 14 over. Het hangt allemaal af van de situatie. Dus als het echt nodig is, dan kan de burgemeester strengere maatregelen nemen om de overlast te stoppen.

Stap 14 Verbeuren en invorderen last onder dwangsom (optie)

Zie onder ’12. Verbeuren en invorderen dwangsom’

Stap 15 Last onder bestuursdwang

Als de andere stappen niet hebben geholpen, komt er een nieuwe stap. De burgemeester kan dan een ‘last onder bestuursdwang’ opleggen. Dat betekent dat als de overlast terugkomt, de burgemeester maatregelen neemt om die overlast te stoppen. Hij kan bijvoorbeeld iets weghalen of veranderen zodat de overlast stopt.

Als mensen zich echt niet aan de regels willen houden, dan kan de burgemeester een laatste strenge maatregel gebruiken: een tijdelijk huisverbod. Dat betekent dat de overlastmaker voor een bepaalde tijd niet meer in zijn huis mag komen. Deze maatregel wordt alleen gebruikt als niks anders helpt.

Stap 16 Feitelijke toepassing van bestuursdwang

Als de overlastmaker weer iets doet wat niet mag, dan neemt de burgemeester de maatregel direct. De overlastmaker mag dan bijvoorbeeld een aantal dagen niet meer in zijn huis en tuin komen, en moet dan ergens anders naartoe.