Hij die het voornemen heeft over te gaan tot het oprichten, in
werking brengen, uitbreiden of wijzigen van een inrichting tot het
bewaren, bezigen of afleveren van vloeibare brandstoffen, waarvan
het ontvlam-mingspunt bepaald volgens de methode van Pensky-Martens
bij 760 mm kwikdruk 55C of hoger is gelegen, is verplicht van dat
voornemen aan burgemeester en wethouders schriftelijke kennisgeving
te doen tenminste twee weken, doch niet langer dan zes maanden voor
het tijdstip, waarop met het oprichten, in werking brengen,
uitbreiden of wijzigen van bedoelde inrichting zal worden
aangevangen.
Een kennisgeving, bedoeld in het eerste lid, dient te omvatten:
naam en adres van degene die de kennisgeving doet;
naam en adres van de installateur die het werk zal
uitvoeren;
voor welke brandstof de inrichting is bestemd;
een opgave van de hoeveelheid brandstof die in de inrichting
kan worden geborgen;
voor welke doeleinden de inrichting zal dienen;
een opgave van de plaats van de inrichting;
een plattegrond op een schaal van tenminste 1:100, duidelijk
aangevende de plaats van de tank(s) met de daarbij behorende
leidingen en de daarop aangesloten toestellen, op welke
plattegrond tevens dient voor te komen een kadastrale
situatietekening van het terrein van de inrichting.