Naar hoofdinhoud

Artikel 11.

Regels voor een pgb

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Landsmeer 2025

1.. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2.. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. 3.. De hoogte van een pgb: wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden; wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering, en bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura. 4.. De hoogte van een pgb voor dienstverlening is opgebouwd uit verschillende kostencomponenten, zoals salaris, vervanging tijdens vakantie, verzekeringen en reiskosten en: bedraagt voor begeleiding, dagbesteding, kortdurend verblijf en hulp bij het huishouden, die wordt geleverd door een zorgaanbieder of een instelling, 100% van de kostprijs van de maatwerkvoorziening in natura; bedraagt voor begeleiding en dagbesteding 100% van de kostprijs van de maatwerkvoorziening in natura en voor hulp bij het huishouden 85% van de kostprijs van de maatwerkvoorziening in natura, voor dienstverlening die wordt geleverd door een daartoe niet opgeleid persoon of een persoon uit het sociale netwerk van de cliënt; bedraagt voor beschermd wonen 90% van de kostprijs van de maatwerkvoorziening in natura. 5.. De hoogte van een pgb voor een materiële verstrekking wordt bepaald op ten hoogste de kostprijs van de materiële verstrekking die de aanvrager op dat moment zou hebben ontvangen als de materiële verstrekking in natura zou zijn verstrekt. Als de materiële verstrekking in natura een tweedehands voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, met een looptijd gelijk aan de verkorte termijn waarop de materiële verstrekking technisch is afgeschreven, rekening houdend met onderhoud en verzekering. Als de materiële verstrekking in natura een nieuwe voorziening betreft, wordt de kostprijs daarop gebaseerd, rekening houdend met een eventueel door de gemeente te ontvangen korting en rekening houdend met onderhoud en verzekering. 6.. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt, kan diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden, betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk: de cliënt motiveert in het persoonlijk budgetplan waarom de hulp vanuit het sociaal netwerk de gebruikelijke hulp overstijgt, en de cliënt geeft in het persoonlijk budgetplan aan hoe de hulp uit het sociaal netwerk bijdraagt aan het bereiken van het resultaat. tussenpersonen of belangenbehartigers mogen niet uit het pgb worden betaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel