Naar hoofdinhoud

Artikel 12.

Regels voor bijdrage in de kosten van, algemene voorzieningen, maatwerkvoorzieningen en pgb’s

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Landsmeer 2025

1.. Een cliënt is voor het gebruik van alle in de gemeente aanwezige algemene voorzieningen met een duurzame hulpverleningsrelatie geen maandelijkse bijdrage in de kosten verschuldigd. 2.. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening dan wel pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt, en afhankelijk van het inkomen en vermogen van de cliënt en zijn echtgenoot. 3.. De bijdrage, bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 dan wel het totaal van de bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste het landelijk vastgestelde bedrag (abonnementstarief) (artikel 2.1.4 van de Wmo 2015) voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij overeenkomstig artikel 2.1.4a, vijfde lid van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, of hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, of het volgende lid geen of een lagere bijdrage is verschuldigd. 4.. In afwijking van het tweede lid is een cliënt met een inkomen onder de 120% van de toepasselijke bijstandsnorm vrijgesteld van het betalen van een eigen bijdrage. 5.. In afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet is de hoogte van de eigen bijdrage voor de maatwerkvoorziening voor het aanvullend openbaar vervoer gelijk aan het OV tarief. 6.. De kostprijs van een: maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder; pgb is gelijk aan de hoogte van het verstrekte bedrag. maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woningaanpassing wordt tevens bepaald door de wijze van de beschikbaarstelling van de voorziening. 7.. In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4b, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door het CAK vastgesteld en geïnd. 8.. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt. Conform artikel 2.1.5. lid 3 van de wet is geen eigen bijdrage verschuldigd indien de ouders van het gezag over de cliënt zijn ontheven of ontzet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel