Indien uit de BEA naar voren komt dat bomen niet behouden kunnen worden op hun huidige plek, dan kan een verplantbaarheidsonderzoek wenselijk zijn. In eerste instantie wordt altijd de potentiële verplantbaarheid bepaald. Alleen als de boom potentieel verplantbaar is, wordt tot een verplantbaarheidsonderzoek overgegaan.
Voor het bepalen van de potentiële verplantbaarheid, wordt het onderstaande schema gebruikt.
Het verplanten van bomen is geen standaard werkwijze om met bomen om te gaan. Het is een ingrijpende maatregel. Doorgaans zijn voorbereidende werkzaamheden noodzakelijk voorafgaand aan de verplanting en er is altijd sprake van een (lange) nazorgtijd.
Er wordt een totaalafweging gemaakt op basis van de kosten (voor voorbereiding, verplanting en nazorg) en de baten (het behoud van de boom). Dit gebeurt in overleg met de gemeente en de keuze is mede afhankelijk van de omstandigheden. Maatwerkoplossingen zijn denkbaar. Als de kosten van voorbereiding, verplanting en nazorg hoger zijn dan de aanschaf- en noodzakelijke nazorgkosten van een zwaar plantformaat (minimaal 60-70 cm stamomtrek, gemeten op 1 meter hoogte) is verplanten vaak geen optie.
Een verplantbaarheidsonderzoek moet uitgevoerd worden door een onafhankelijke, gecertificeerde European Tree Technician (ETT) of iemand met aantoonbaar vergelijkbare kennis en ervaring.
In een verplantbaarheidsonderzoek moeten de punten, zoals genoemd op de volgende pagina, opgenomen en verwerkt worden.
1. Bovengronds
Per boom dient de relevante informatie, vanuit de bomeninventarisatie van de BEA (zie ‘6.1 Boom Effect Analyse (BEA)’), te worden aangehaald. Het gaat in ieder geval om:
boomsoort, boomhoogte, stamomtrek, kroondiameter
conditie, toekomstverwachting
gebreken
2. Ondergronds (zie ook ‘6.1 Boom Effect Analyse (BEA)’)
bodemprofiel en -samenstelling
verdichting, luchthuishouding
waterhuishouding
voedingstoestand
ligging van kabels en leidingen
3. Situatiebeschrijving
Een beschrijving van de nieuwe boven- en ondergrondse situatie van de nieuwe standplaats van de bomen (de locatie waar de bomen naar worden verplant) en relevante informatie ten aanzien van het verplanten:
eventuele obstakels langs de transportroute
bereikbaarheid plantplaats
geschiktheid groeiplaats (boven- en ondergronds)
transportafstand
4. Maatregelen
Hier moeten de volgende gegevens worden opgenomen:
verplantbaarheid
gewenste / noodzakelijke voorbereiding en snoei
kluitgrootte
invloed van kabels en leidingen
verplantmethode(n)
benodigde duur van de nazorg
benodigde maatregelen m.b.t. de nieuwe standplaats
benodigde verkeersmaatregelen
5. Kosten
Dit betreft een raming van de kosten op basis van de hiervoor beschreven maatregelen.
6. Monetaire boomwaarde
Zie ‘6.4 Monetaire boomwaarde’.
Artikel 6.3 Verplantbaarheidsonderzoek
Artikel 6.3 Verplantbaarheidsonderzoek
Onderdeel van Beleidsregels Bomen 2025