Naar hoofdinhoud

Afdeling II › Hoofdstuk III › Paragraaf 2

Artikel 29

Berekening nabestaandenpensioen na 31 december 1985

Onderdeel van Uitkerings- en pensioenverordening wethouders gemeente Delft 1992

1.. Dit artikel is uitsluitend van toepassing op pensioenberekeningen over diensttijd tussen 31 december 1985 en 1 januari 1995. 2.. De nabestaande die de leeftijd van 65 jaar nog niet heeft bereikt en geen recht heeft op pensioen of tijdelijke uitkering ingevolge de Algemene Weduwen- en Wezenwet, heeft tot de eerste dag van de maand waarin hij die leeftijd bereikt recht op een toeslag op zijn volgens artikel 28 berekende pensioen. Deze toeslag bedraagt jaarlijks voor elk voor de berekening van het nabestaandenpensioen tellend jaar twee en een half procent van het tot een jaarbedrag herleide bedrag genoemd in artikel 19, elfde lid, onder a, vermeerderd met het bedrag van de vakantie-uitkering genoemd in artikel 37b, zesde lid, onder a, van de Algemene Weduwen- en Wezenwet. 3.. Wanneer betrokkene voldoet, onderscheidenlijk niet meer voldoet, aan de voorwaarden omschreven in het tweede lid, dient hij hiervan onverwijld kennis te geven aan burgemeester en wethouders. De daarbedoelde toeslag gaat niet eerder in dan een jaar voor de eerste dag van de maand waarin kennisgeving werd gedaan of waarin die toeslag ambtshalve is toegekend. 4.. Wanneer het bedrag genoemd in artikel 19, elfde lid, onder a, onderscheidenlijk artikel 37b, zesde lid, onder a, van de Algemene Weduwen-en Wezenwet wordt gewijzigd, wordt de in het tweede lid bedoelde toeslag dienovereenkomstig gewijzigd met ingang van dezelfde dag als eerstbedoelde wijziging.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel