(artikel 5 aanhef en onder a, b en c, alsmede de artikelen 6, 7, 8 en 9 Leerplichtwet)
De consulent leerrecht-/plicht neemt de kennisgeving zoals bedoeld in artikel 6 van de wet in ontvangst en zendt de ouders een ontvangstbevestiging waarin hij de termijn vermeldt waarbinnen zij een bericht over de ontvankelijkheid van het beroep op vrijstelling kunnen verwachten.
Als ouders een beroep willen doen op de grond bedoeld in artikel 5 onder a van de wet, streeft de consulent leerrecht-/plicht ernaar dat de aangewezen deskundige binnen 20 werkdagen de jongere onderzoekt en een schriftelijke verklaring over de geschiktheid van de jongere geeft.
Er wordt aan ouders toestemming gevraagd, zodat de door de gemeente aangewezen deskundige overleg kan plegen over de mogelijkheden van de desbetreffende jongere in het onderwijs met het Samenwerkingsverband waar de jongere onder valt.
Als de kennisgeving betrekking heeft op de grond bedoeld in artikel 5 onder a van de wet, is de termijn voor een bericht aan de ouders binnen 10 werkdagen na ontvangst van de verklaring van de deskundige.
Indien de kennisgeving aan de eisen van de wet voldoet, informeert de consulent leerrecht-/plicht de ouders over de periode waarvoor de vrijstelling geldt en wanneer zij opnieuw een beroep op een vrijstellingsgrond moeten doen. De vrijstelling wordt ook gemeld in het register onderwijsdeelnemers.
Als ouders een beroep willen doen op de grond bedoeld in artikel 5 onder b van de wet, is de termijn voor een bericht aan de ouders maximaal 20 werkdagen. Als er gegronde redenen zijn voor een langere termijn, informeert de consulent leerrecht-/plicht de ouders hierover binnen 20 werkdagen.
Als ouders een beroep doen op de grond bedoeld in artikel 5 onder b van de wet, onderzoekt de consulent leerrecht-/plicht de bij de kennisgeving overgelegde documenten. Hij nodigt de ouders uit voor een mondelinge toelichting op het beroep en onderzoekt of de bedenkingen daadwerkelijk de richting van het onderwijs betreffen. Hij controleert ook of de jongere eerder op een school of instelling ingeschreven is geweest.
In het bericht aan de ouders, zoals bedoeld in het eerste lid, informeert de consulent leerrecht-/plicht de ouders of de ontvangen kennisgeving voldoet aan de eisen van de wet en deelt de gevolgen mee die verbonden zijn aan het niet voldoen aan deze eisen.
Als de kennisgeving niet aan de eisen van de wet voldoet, geeft de consulent leerrecht-/plicht de ouders een redelijke termijn, meestal niet langer dan 20 werkdagen, om de jongere alsnog in te schrijven op een school of instelling.
Als de kennisgeving aan de eisen van de wet voldoet, informeert de consulent leerrecht-/plicht de ouders over de periode waarvoor de vrijstelling geldt en de deadline voor het indienen van een nieuwe kennisgeving bij een beroep op een vrijstellingsgrond. De vrijstelling wordt ook gemeld in het register onderwijsdeelnemers.
Als de kennisgeving betrekking heeft op de grond bedoeld in artikel 5 onder c van de wet, en de omstandigheden zijn zodanig dat (nog) geen verklaring van de directeur van de buiten Nederland gelegen school of onderwijsinstelling kan worden overgelegd, informeert de consulent leerrecht-/plicht de ouders over de manier en het moment waarop zij moeten aantonen dat de jongere in het buitenland onderwijs geniet.
Als de kennisgeving niet aan de eisen van de wet voldoet, geeft de consulent leerrecht-/plicht de ouders een redelijke termijn, meestal niet langer dan 20 werkdagen, om de jongere alsnog in te schrijven op een school of instelling.
Als de kennisgeving aan de eisen van de wet voldoet, informeert de consulent leerrecht-/plicht de ouders over de periode waarvoor de vrijstelling geldt en de deadline voor het indienen van een nieuwe kennisgeving bij een beroep op een vrijstellingsgrond. De vrijstelling wordt ook gemeld in het register onderwijsdeelnemers.