Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: a. commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet; b. commissielid: lid van een commissie, bedoeld in sub a, dat niet tevens lid van de raad is of ambtenaar, die als zodanig tot lid van een commissie is benoemd; c. raadslid: een lid van de raad van de gemeente Veenendaal; d. schaduw-raadslid: een commissielid van een raadscommissie, ingesteld op grond van artikel 82 van de Gemeentewet, niet zijnde een raadslid; e. gemeentesecretaris: de op grond van artikel 102 van de Gemeentewet door het college benoemde functionaris; f. griffier: de op grond van artikel 107 van de Gemeentewet door de raad benoemde functionaris; g. burgemeester de op grond van artikel 61 van de Gemeentewet op voordracht van Onze Minister bij Koninklijk Besluit benoemde ambtsdrager; h. wethouder: de op grond van artikel 35 van de Gemeentewet door de raad benoemde politieke ambtsdrager; i. Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers: het Koninklijk Besluit van 15 oktober 2018, Stb. 2018, 386; j. Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers: de ministeriële regeling van 23 november 2018, Stcrt. 2018, 66006;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel