1.. Aansluitend aan de uitweg moet op het eigen terrein plaats zijn voor een parkeerplaats met een afmeting die voldoet aan de richtlijnen voor haaks parkeren voor het maatgevend voertuig, gerekend vanaf de perceelgrens. In geval er zijdelings gebouwde wanden en/of kolommen aanwezig zijn wordt de breedtemaat:

  • - bij wanden/kolommen aan één zijde vermeerderd met 15 centimeter;
  • - bij wanden en kolommen aan weerszijde vermeerderd met 35 centimeter;
  • - 3,50 meter bij gebruik als gehandicaptenparkeerplaats.

2.. Het college kan maatwerk toepassen voor zover dat in redelijkheid noodzakelijk is voor een doelmatig gebruik van de uitweg.