Subsidie wordt slechts verstrek indien de in artikel 4 bedoelde activiteiten zijn gericht op:
soberheid en doelmatigheid, strekkend tot de instandhouding van het beschermde gemeentelijk monument en zijn monumentale waarden;
het voorkomen van verval of gevolgschade;
het maximaal behoud van aanwezige historische materialen en constructies of ter vervanging van materialen die hun functie niet meer kunnen vervullen.