Bij de ontwikkeling van de klimaatlabels zijn normen voor schaduw vastgesteld. De ambitie10(Ambitie Klimaat vaststellen door middel van Klimaatlabels, 2023), zoals vastgesteld in 2023, is dat in 2050 30% van de openbare ruimte beschaduwd is. In het rapport van de klimaatlabels wordt de aanplant van bomen als enige maatregel voor meer schaduw genoemd. Daarom wordt in dit beleid het percentage schaduw in de openbare ruimte gelijkgesteld aan het percentage kroonbedekking. Omdat de zon geen onderscheid maakt tussen gemeentelijke en niet-gemeentelijke bomen, stellen wij dat alle bomen onderdeel zijn van de kroonbedekking.
De norm die we stellen is dat de openbare ruimte in elke buurt voor 30% bedekt is met boomkronen. Deze norm komt daarmee overeen met de ‘30’ in de 3-30-300 regel11 (C. Konijnendijk, 2021).
Ook in de Natuurvisie gemeente Land van Cuijk is deze norm van 30% boomkroonbedekking gesteld, vanuit het oogpunt van het positieve effect op gezondheid en biodiversiteit.
3
Iedere (stads)bewoner zou vanuit zijn woning ten minste 3 bomen moeten kunnen zien. Land van Cuijk wil dit niet als harde norm opnemen, Wel kan deze richtlijn inwoners bewust maken. Zij kunnen het signaal geven dat de omgeving niet voldoet aan deze richtlijn.
30
30% van het oppervlak per buurt bestaat uit bladerdak. Dit wordt het kroonbedekkingspercentage genoemd. Zowel gemeentelijke als niet gemeentelijke bomen worden hierin meegeteld. Alternatief: Waar het aantoonbaar onmogelijk is om voldoende bomen aan te planten om te voldoen aan 30% kroonbedekking kan gezocht worden naar alternatieve groendragende constructies om schaduw te creëren. Denk hierbij aan pergola’s met klimplanten.
300
Iedere (stads)bewoner kan binnen een straal van 300 meter vanaf zijn woning, werk of school een park of publieke groene verblijfsruimte (met een oppervlak van substantiële omvang) bereiken.
Afbeelding 8: 3-30-300 regel met toelichting
Groei van bomen
Wanneer jonge bomen worden aangeplant hebben deze logischerwijs nog niet hun volle potentie kroonoppervlak (en schaduwwerking) bereikt. Wanneer op dat moment een berekening van kroonbedekking zou worden gemaakt wordt de ambitie van 30% nog niet behaald. Het uitgangspunt is realisatie van 30% kroonoppervlak binnen een zo kort mogelijke, maar redelijke termijn die in het uiterste geval maximaal 25 jaar mag zijn. Na 5 jaar zal de uitvoering van dit beleidsuitgangspunt geëvalueerd en indien nodig geactualiseerd worden.
Bestaande situaties versus nieuwe ontwikkelingen
Bij bestaande situatie zijn de functies in de openbare ruimte al toebedeeld. Bij herplant is het daarom niet altijd mogelijk om voldoende ruimte voor de groeiplaats in richten. Bij herinrichting is het afhankelijk van de ruimteverdeling of 30% boomkroonbedekking kan worden gehaald. De 3-30-300 regel is voor bestaande situaties daarom meer een ambitie dan een norm.
In nieuwe situaties, waar nog geen ruimtelijke functieverdeling is gemaakt, is de 3-30-300 regel wél een norm die onderdeel is van het programma van eisen voor het ontwerp.