Subsidie kan worden aangevraagd voor de aanleg van kleine landschappelijke elementen op geschikt bevonden plekken rond de woonkern gekoppeld aan bebouwing (niet zijnde tuin) en in het buitengebied.
Om voor subsidie in aanmerking te komen moet worden voldaan aan de volgende vereisten:
- - Het plantmateriaal is streekeigen, waar mogelijk en bij voorkeur autochtoon, kli-maatbestendig en passend bij het bodemtype. Indien autochtone beplanting niet be-schikbaar is, kan naar inheemse beplanting worden uitgeweken als alternatief.
- - De aanvrager houdt het kleine landschappelijke element minimaal 20 jaar in stand en beheert dit.
- - De verplichting onder lid 2 wordt middels een kettingbeding doorgegeven naar even-tuele rechtsvolgers.