1.. De hoogte van het pgb voor verhuiskosten als bedoeld in artikel 23, lid 2, sub j, van de verordening bedraagt € 2.500,--.

2.. Indien aanvrager aantoonbaar noodzakelijke meerkosten heeft, kan het pgb, in afwijking van het eerste lid, hoger worden vastgesteld.

3.. Het bedrag waarboven het primaat van verhuizen, zoals bedoeld in artikel 16, lid 2, van de verordening wordt toegepast bedraagt € 15.000,--.