Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.3.

Onteigening

Onderdeel van Nota Grondbeleid Uithoorn 2025 – 2029

Onteigening is een gedwongen ontneming van eigendom door de overheid in het algemeen belang. In de grondwet wordt eigendom beschreven als 'het meest omvattende recht dat een persoon op een zaak kan hebben'. Dit betekent dat de eigenaar in principe vrij is om over zijn eigendom te beschikken. Deze vrijheid kan echter worden beperkt door wettelijke voorschriften, zoals de onteigeningsregeling uit de Omgevingswet (voorheen Onteigeningswet). Onteigening is ingrijpend voor de grondeigenaar en daarom omgeven met veel (rechts)waarborgen. De grondwettelijke waarborgen zorgen ervoor dat de overheid niet zomaar grond en opstallen kan toe-eigenen. De rechten van de individuele burger moeten altijd voldoende zijn gewaarborgd. Door onteigening kan de gemeente grond verwerven die niet op vrijwillige basis of met behulp van het voorkeursrecht kan worden verkregen. Het nemen van een onteigeningsbeschikking biedt niet alleen uitzicht op grondverwerving, maar kan ook dienen als drukmiddel in onderhandelingen bij vrijwillige aankoop. De gemeente kan een onteigeningsprocedure starten terwijl zij tegelijkertijd blijft proberen de gronden vrijwillig te verwerven. Dit wordt het 'tweesporenbeleid' genoemd. Wanneer de gemeente een wijziging van het omgevingsplan vaststelt en de vrijwillige verwerving nog niet is geslaagd, kan de gemeente tegelijkertijd overwegen om te onteigenen, wat een zorgvuldig proces vereist. De onteigeningsprocedure onder de Omgevingswet bestaat uit drie fasen, waarvan de eerste twee fasen deels parallel lopen: de onteigeningsbeschikking en -bekrachtiging; de schadeloosstellingsprocedure; de inschrijving van de onteigeningsakte. Voordat de gemeenteraad een onteigeningsbeschikking neemt, moet zij het nut en de noodzaak ervan onderzoeken. De bestuursrechter toetst namelijk of de voorgestelde onteigening gerechtvaardigd is. Hierbij hanteert de rechter een aantal toetsingscriteria, waarbij vooral het noodzaakcriterium van belang is. Er wordt onder andere getoetst of er voldoende pogingen zijn gedaan om de grond vrijwillig te verwerven en of de grondeigenaar bereid en in staat is om de grond volgens de gemeentelijke eisen te ontwikkelen. Ook moet er sprake zijn van urgentie. STRATEGISCH Beleidsregel onteigening Onteigening wordt door de gemeente Uithoorn alleen ingezet als uiterst middel. Minnelijke verwerving geniet de voorkeur. In het kader van tijdigheid en het stimuleren van het minnelijk proces, zal een tweesporenbeleid worden gevoerd. TACTISCH Overwegingen onteigening Is het noodzakelijk om het/de object(en) te verwerven? Draagt onteigening bij aan het bereiken van de ambities zoals vastgelegd in de Omgevingsvisie? Is er een redelijke poging gedaan tot minnelijke verwerving en een goed verwervingsdossier opgebouwd? Is er voldoende samenloop met het planologische traject? Kan worden voldaan aan de vereisten uit de Omgevingswet (formele vereisten, onteigeningsbelang, noodzaak en urgentie)? Is er voldoende budget en capaciteit beschikbaar om de onteigeningsprocedure te voeren en tot verwerving over te gaan? Heeft de gemeente eventueel vervangende grond tot haar beschikking? Wil de gemeente de druk om te komen tot minnelijke verwerving verhogen? Wordt de gewenste ruimtelijke ontwikkeling gerealiseerd binnen drie jaar na onteigening?

Rechtspraak bij dit artikel