Communicatie en participatie rondom de veranderingen en de achtergronden van de maatregelen zijn essentieel om draagvlak te krijgen. De medewerking van inwoners is nodig om de kans van slagen van het geamendeerde plan Van Afval Naar Grondstof te vergroten en het voorkomt bovendien klachten/meldingen.

Maatregel 11: Opstellen en uitvoeren communicatieplan

De gemeente stelt een communicatieplan op, waarin alle activiteiten zijn opgenomen om te communiceren met inwoners over de implementatie van de veranderingen en de achtergronden van afvalscheiding (nut en noodzaak van de transitie van afval naar grondstof).

Belangrijke uitgangspunten zijn:

  • - De waarde van grondstoffen wordt benadrukt, zodat inwoners zich er meer bewust van zijn dat zij geen afval maar producten en materialen (of een ‘grondstoffenmijn’) in huis hebben;
  • - Mythes rond afval scheiden worden ontkracht;
  • - Er wordt uitgelegd wat er met de grondstoffen gebeurt na inzameling;
  • - GFT, PMD en papier/karton vormen de prioritaire grondstoffen.

    Om de veranderingen te ondersteunen en mensen zelf de mogelijkheden op het gebied van afvalscheiding te laten ervaren, overweegt de gemeente een ‘100-100-100’ project uit te voeren. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van het ‘100-100-100’-format, dat de brancheorganisatie NVRD beschikbaar kan stellen.

    100 huishoudens, 100 dagen, 100% afvalvrij, kan dat? Dat is de centrale vraag in het 100-100-100 concept. Tijdens het experiment worden de deelnemende huishoudens uitgedaagd zo min mogelijk afval te produceren en in het bijzonder restafval te vermijden. Deelnemers krijgen toegang tot een online platform, waarop elke week een opdracht wordt geplaatst om hen te stimuleren en enthousiasmeren. Bijvoorbeeld: hoeveel nieuwe verpakkingen gebruik je op één dag? De deelnemers hebben toegang tot het online platform, dat bestaat uit een tijdlijn, weekopdrachten, de afvalmeter en links. Zij kunnen op het platform ook elke week het gewicht van het restafval invullen. In een ‘afvalmeter’ wordt dan zichtbaar hoe de deelnemers presteren ten opzichte van elkaar en ten opzichte van het gemiddelde.