De gemiddelde netto-vlottende schuld in een kwartaal overschrijft de kasgeldlimiet conform de Wet fido in principe niet. Bij incidentele wijzigingen in het inkomsten- en uitgavenpatroon wordt bekeken in hoeverre een aanvraag bij de toezichthouder tot de toegestane ontheffing voor maximaal twee kwartalen effectief is. . In de vigerende Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden geldt voor gemeenten als kasgeldlimiet het vastgestelde percentage van 8,5% van het totaal van de jaarbegroting met een minimum van € 300.000
Het renterisico op de vaste schuld overschrijft de renterisiconorm conform de Wet fido niet, tenzij de toezichthouder op een te overwegen aanvraag ontheffing heeft verleend. In de vigerende Uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden bedraagt het voor gemeenten geldende percentage 20% van de vaste schuld, met een minimum van € 2.500.000;
Nieuwe leningen, nieuwe uitzettingen of vervroegde aflossingen op bestaande leningen worden afgestemd op de bestaande financiële positie van de gemeente Baarn en een actuele liquiditeitenplanning voor de korte en lange termijn;
De rente typische looptijd en het renteniveau van de betreffende lening/uitzetting wordt zo veel mogelijk afgestemd op de actuele rentestand;
Binnen de kaders gesteld onder lid 3 en lid 4, streeft de gemeente naar spreiding in de rente typische looptijden van leningen en uitzettingen;
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2 Renterisicobeheer
Artikel 2.2 Renterisicobeheer
Onderdeel van Treasurystatuut 2024 – 2029