Als er op enig moment een vermoeden is van een strafbaar feit doet de burgemeester na overleg met het college of het presidium aangifte bij de politie.
Vanaf dat moment wordt alle beschikbare informatie voorgelegd aan de politie, eventueel na overleg met de officier van justitie.
Het bestaan van een strafrechtelijk onderzoek naar een strafbaar feit laat onverlet dat de burgemeester een feitenonderzoek, zoals bedoeld in artikel 5, kan instellen of een civielrechtelijke procedure tegen de betrokken politieke ambtsdrager kan instellen.
HOOFDSTUK
Artikel 11
Aangifte
Onderdeel van Procesafspraken over de handhaving van de integriteit van het gemeentebestuur