1.. Het college onderzoekt, al dan niet steekproefsgewijs, of de verstrekte voorzieningen worden gebruikt dan wel besteed ten behoeve van het doel waarvoor ze door het college zijn verstrekt.

2.. Het college onderzoekt, al dan niet steekproefsgewijs, of de verwijzingen door derden zoals bedoeld in artikel 2.4, 2.5 en 2.6 van de verordening rechtmatig zijn.

3.. Het college kan regels met betrekking tot controle nader uitwerken.