1.. Nummering gebeurt zoveel mogelijk vanuit het centrum van de woonplaats, waarbij het laagste nummer zich het dichtst bij het centrum bevindt.

2.. Indien nummering vanuit het centrum van de woonplaats niet mogelijk is, gebeurt de nummering vanuit de centrumstraat, waarbij het laagste nummer zich het dichtst bij de centrumstraat bevindt.

3.. Met in achtneming van lid 1 en 2, worden de even nummers aan de rechterzijde van de openbare ruimte toegekend en de oneven nummers aan de linkerzijde van de openbare ruimte.

4.. Opvolgende even en oneven nummers worden zoveel mogelijk opvolgend in de straat toegekend hierbij worden voor (nog) niet bebouwde percelen nummers vrij gehouden,

5.. Indien de nummering in een bestaande openbare ruimte, in het verleden, zodanig afwijkend heeft plaatsgevonden, dat de in artikel 1 t/m 3 genoemde wijze van nummering niet past, kan de in het verleden gehanteerde wijze van nummering, in de betreffende openbare ruimte, doorgezet worden,

6.. Voor straten waar een nummering is toegepast die niet voldoet aan één of meer van de in lid 1 t/m 5 genoemde uitgangspunten kan een gebouwnummerplan worden opgesteld,

7.. Indien er een gebouwnummerplan is opgesteld wordt een nieuw nummer uitgegeven overeenkomstig dit gebouwnummerplan.

8.. Indien een gebouwnummer vervalt of zal vervallen als gevolg sloop kan het bestaande nummer alleen opnieuw toegekend worden indien dit past binnen de uitgangspunten van het gebouwnummerplan.

9.. Indien er geen gebouwnummer op grond van het gebouwnummerplan beschikbaar is en het noodzakelijk is om een gebouw van een gebouwnummer te voorzien, wordt een voorlopig gebouwnummer toegekend.

10.. Een voorlopig gebouwnummer wordt vervangen door een gebouwnummer op grond van het gebouwnummerplan zodra dit beschikbaar is. Een belanghebbende van de in lid 10 bedoelde aanpassing heeft geen recht op de in artikel 6 bedoelde tegemoetkoming.