Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IV

Artikel 34

Artikel 34

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Reinigingsdienst OZL

Deze regeling kan worden gewijzigd indien de raden respectievelijk de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van ten minste tweederde van het aantal deelnemende gemeenten hiertoe besluiten. Zodra het aantal deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling twee bedraagt, dienen beide gemeenten te besluiten tot wijziging van de regeling. Indien het algemeen bestuur wijziging wenselijk acht, doet het een daartoe strekkend voorstel aan de raden van de deelnemende gemeenten. Wijzigingen als bedoeld in het eerste lid treden in werking zodra opname in de registers bedoeld in artikel 27 van de wet heeft plaatsgevonden. ARTIKEL 35 Deze regeling kan worden opgeheven bij daartoe strekkende besluiten van de gemeenteraden respectievelijk de colleges van burgemeester en wethouders en de burgemeesters van ten minste tweederde der deelnemende gemeenten. Zodra het aantal deelnemers aan de gemeenschappelijke regeling twee bedraagt, dienen beide gemeenten te besluiten tot het opheffen van de regeling. In geval van beëindiging, besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regels. Hierbij kan van bepalingen van deze regeling worden afgeweken. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de deelnemende gemeenten gehoord, vastgesteld. Het behoeft de goedkeuring van Gedeputeerde Staten. Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemende gemeenten tot deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing. Het liquidatieplan (omvattende een sociaal plan) voorziet ook in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. HOOFDSTUK VI OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN ARTIKEL 36 De gemeente Heerlen draagt zorg voor de toezending van deze regeling ter goedkeuring aan Gedeputeerde Staten; dit geldt ook voor de besluiten tot toetreding, tot uittreding uit wijziging en opheffing van deze regeling.

Rechtspraak bij dit artikel