**1..** Als een leerling zich misdraagt in het aangepast vervoer, maken we gebruik van een “stoplichtmodel” met maatregelen die steeds strenger worden:
- - Ouders ontvangen een brief. Ook vindt er een gesprek plaats tussen de chauffeur en de ouders. De chauffeur maakt een verslag en deelt dit met het college. Het doel is om het gedrag van de leerling te verbeteren.
- - Verbetert het gedrag niet? Dan stuurt het college een schriftelijke waarschuwing en nodigt de ouders uit voor een gesprek. Van ouders wordt verwacht dat zij de leerling zelf in het aangepast vervoer (laten) begeleiden. Het college stelt een zitplaats beschikbaar in het voertuig.
- - Blijft het probleem bestaan? Dan krijgen ouders een laatste schriftelijke waarschuwing. Als het gedrag van de leerling niet verbetert en het gedrag verwijtbaar is, kan het college besluit het aangepast vervoer te beëindigen. Dit geldt ook wanneer er een medische oorzaak is voor het gedrag en dit met begeleiding onder controle te houden is. In alle gevallen zijn ouders verantwoordelijk voor de begeleiding van de leerling.