Omdat er grote verschillen zijn per uitbuitingsvorm gaan we als gemeente actief inzetten op preventie ten aanzien van de risicogroepen. Ook zorgen we voor voorlichting en bewustwording aan professionals en binnen branches die met de risicogroepen in aanraking komen zodat zij mensenhandel kunnen signaleren. De aandachtsfunctionaris heeft door middel van een presentatie aan het team Breed Sociaal Loket een algemeen inzicht gegeven in het onderwerp Mensenhandel en de rol van de gemeente.
Daarnaast werpen we barrières op om daders te ontmoedigen en treden we handhavend op als we potentiële daders in onze gemeente hebben. Hierbij zoeken we actief de samenwerking met onze (veiligheids)partners op.
Zie Bijlage 1 voor een overzicht van samenwerkingspartners en regionale overlegstructuren.
Het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (hierna RIEC) zal een actueel aanbod bijhouden van trainingen, bewustwordingsbijeenkomsten, interventiemogelijkheden en ‘best practices’ uit de regio en het land. Aan de hand van dit aanbod zullen we onze uitvoeringsagenda opstellen zodat we zoveel mogelijk aansluiten bij regionale ontwikkelingen om zo een waterbedeffect te voorkomen.
Meldroute intern
Om voor medewerkers te verduidelijken waar zij met vragen en signalen over mensenhandel terecht kunnen, kan gebruik gemaakt worden van onderstaande meldroute. De aandachtsfunctionaris kan signalen waar mogelijk verrijken en doorzetten naar de juiste ketenpartner(s).
STAP 1
Gemeenteambtenaar (baliepersoneel, toezichthouder of bijvoorbeeld WMO consulent) vangt signaal op en geeft het door en bespreekt het met de taakaccenthouder mensenhandel van de eigen afdeling. De gemeenteambtenaar gebruikt daarvoor een meldingenformulier.
STAP 2
De aandachtsfunctionaris mensenhandel binnen de gemeente ontvangt het signaal van de gemeenteambtenaar/taakaccenthouder. De naam van de melder is alleen bekend bij de aandachtsfunctionaris.
Als aandachtfunctionaris is binnen de gemeente aangewezen 1 werknemer binnen het (team OOV met taakaccent Ondermijning) zie Bijlage 6 voor de interne meldroute.
STAP 3
De aandachtsfunctionaris legt het signaal vast en gaat na of de betrokken persoon, organisatie of het adres reeds in het eigen gemeentelijke systeem voorkomt zodat het signaal eventueel verrijkt kan worden met andere informatie. Verrijking geschiedt binnen verschillende afdelingen van de gemeente. Een signaal kan worden besproken tijdens het signaleringsoverleg ondermijning.
STAP 4
De aandachtsfunctionaris verzamelt alle interne informatie en doet melding bij Veilig Thuis. Indien het een zeer ernstig signaal betreft waarop direct ingrijpen noodzakelijk is, dan direct de politie in kennis stellen (AVIM: Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel).
Gaat het om arbeidsuitbuiting, neem dan contact op met de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA). Er dient altijd een melding gedaan te worden bij de Zorgcoördinator mensenhandel. Indien het signaal een (potentieel slachtoffer) betreft wordt er altijd contact opgenomen met de aandachtfunctionaris meldcode. In afstemming met de aandachtsfunctionaris meldcode wordt bekeken of melding gedaan wordt bij Veilig Thuis.
STAP 5
De aandachtsfunctionaris vraagt bij de overdracht van het signaal terugkoppeling aan de betrokken instantie.
STAP 6
De aandachtsfunctionaris koppelt terug richting de gemeenteambtenaar die het signaal heeft afgegeven over wat er met het signaal gedaan is en legt dit voor de eigen administratie vast.
Lokaal Ondermijningsoverleg
Eens in de vier weken vindt het lokale ondermijningsoverleg plaats, waar ook de signalen van mensenhandel besproken kunnen worden. Bij dit ondermijningsoverleg sluiten de wijkagenten van het basisteam De Copen van de politie aan. Daarnaast is de ondermijningsspecialist van het basisteam/politiedistrict bij dit overleg aangesloten.
Verder is er in de gemeente Lopik een mensenhandeloverleg. Deelnemers aan dit overleg binnen de gemeente zijn de aandachtsfunctionaris mensenhandel, collega’s vanuit de aandachtsvelden Algemene Juridische Zaken, Openbare Orde en Veiligheid, Civiel en Fienstverlening (taakaccenthouders mensenhandel).
Uitvoering geven aan de ambities8Als leidraad voor het opstellen van dit beleidsplan is gebruik gemaakt van het Beleidsmodel mensenhandel voor gemeenten in de regio MiddenNederland voor de districten Oost en West van de Veiligheidscoalitie Midden-Nederland.
In dit plan worden ook de ambities beschreven die de gemeente kan inzetten bij de uitvoering van de aanpak van mensenhandel. De ambities kunnen worden bijgesteld naarmate het inzicht tijdens de uitvoering wordt verbeterd.
Ambitie 1 – Adequaat signalen, melden en slachtofferschap reduceren
Ambitie 2 – Effectief samenwerken
Ambitie 3 – Slachtoffers samenhangende hulp en ondersteuning bieden
Ambitie 4 – Meer zicht op aard, omvang en risicofactoren
Ambitie 5 – Barrières opwerpen
Seksuele uitbuiting
Seksuele uitbuiting en illegale prostitutie kunnen plaatsvinden in hotels en vakantieparken, maar er zijn op dit moment geen signalen of aanwijzingen hiervoor in Lopik. Momenteel zijn er in de gemeente geen vergunde seksinrichtingen. Er bestaat een certificeringsprogramma voor hotels en vakantieparken, het Certificeringsprogramma No Room for Sex Trafficking.
Het stellen van voorwaarden aan bedrijfsplannen voor vergunde seksinrichtigen is thans in Lopik niet aan de orde.
Bibobtoets als barrière
De wet Bibob is sinds medio 2020 van toepassing op een groot aantal type overheidsbeslissingen: beschikkingen (waaronder vergunningen, ontheffingen toekenningen, goedkeuringen, erkenningen, registraties en aanwijzingen), subsidies, overheidsopdrachten en vastgoedtransacties waarbij de overheid partij is. De Bibobtoets kan worden uitgevoerd bij seksinrichtingen, maar ook bij branches die gevoelig zijn voor seksuele uitbuiting, als massagesalons, andere beautybranches en de horeca.
Criminele uitbuiting
Het is belangrijk om bij de aanpak van criminele uitbuiting aansluiting te zoeken bij de aanpak op jonge aanwas in de criminaliteit. Zo werken we tegelijk aan een dader- en slachtofferaanpak. Belangrijk is dat er binnen de aanpak op jonge aanwas kennis is over criminele uitbuiting en dat men zich er bewust van is dat sommige ‘criminelen’ eigenlijk slachtoffer zijn van mensenhandel.
Arbeidsuitbuiting
Bij deze vorm van mensenhandel is het een aanbeveling om bewustwording en voorlichting voor inwoners en professionals werkzaam met risicogroepen na te streven. Zo zijn er in andere regio’s met succes informatiepunten opgericht (zoals het Informatie Punt Polen (IPP) in de Bollenstreek. De wetgeving biedt gemeenten voldoende instrumenten om meer zicht te krijgen op arbeidsuitbuiting en een aanpak op maat te benutten. Hierbij kan worden gedacht aan het sluiten van panden/woningen, het intrekken of niet verlengen van vergunningen op basis van BIBOB-procedures en het opleggen van een ‘last onder dwangsom’. Zo kan de bijvoorbeeld de Huisvestingswet worden gebruikt als basis voor vergunningplicht voor onzelfstandige bewoning in de huisvestingsverordening.
Daarnaast kan het gebruik van een gebouw in strijd zijn met het bestemmingsplan op basis van de Wet Ruimtelijke Ordening. Verder kan de Woningwet en het Bouwbesluit toegepast worden als basis voor handhaven tegen overlast en onveilige woonruimte.
Een aanbeveling hier is de mogelijkheid om de samenwerking te zoeken met werkgevers in de gemeente die gebruik maken van uitzendbureaus die gebruik maken van arbeidsmigranten.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2
Een gerichte aanpak per uitbuitingsvorm
Onderdeel van Beleidsplan Aanpak Mensenhandel voor de gemeente Lopik